in

Beheers het licht: deze verschillende soorten licht moet je kennen

Met ‘lichtsoort’ bedoelen we in de fotografie veelal iets over de richting, kracht of kleur van het licht. Daar bestaat soms wat verwarring over, omdat veel termen te pas en te onpas door elkaar worden gebruikt. Zo kan een fel licht heel zacht zijn, of een hard licht heel zwak. Tijd dus om ze kort te bespreken.

Dit artikel komt uit de volledige Cursus Lichttraining door Michiel Fischer in Zoom Academy. Alles leren over de basis van fotografie en lichttraining? Bekijk de gehele cursus!

We beginnen met direct licht versus indirect licht. In de regel is het vrij simpel: richt een lichtbron rechtstreeks op je onderwerp en er is sprake van direct licht. Hier kan weliswaar een lichtvormer zoals een softbox tussenkomen, maar zolang het onderwerp in een directe lijn van de lichtbron blijft, is het licht direct. Er is sprake van indirect licht als het onderwerp níet in een rechte lijn van de lichtbron staat, maar in het licht van ander verlicht onderwerp. Schijn je een lamp op de muur en zet je daar een onderwerp naast, dan zal dit worden verlicht met het indirecte licht van de muur.

Vaak wordt indirect licht door fotografen gebruikt om de lichtbron te vergroten (een muur is immers vaak veel groter dan een flitslamp met softbox). Dat maakt het al snel zachter dan het directe licht, maar er zijn wel wat nadelen. Zo is het lang niet altijd even makkelijk te controleren of te sturen. Ook is de lichtintensiteit veel lager dan direct licht, omdat het wordt afgezwakt door het tussenkomende onderwerp.

Afval versus centraal

Richt je een lamp op de muur, dan begint het licht buiten het centrum van de spot snel veel lichtintensiteit te verliezen. De randen van het licht, waar het al snel overgaat in duisternis, is wat ook wel het afvallicht wordt genoemd. Net als indirect licht is dit veel zwakker, maar hiermee werken geeft vaak unieke (zachte) resultaten, zoals we verderop in de cursus zullen zien. Centraal licht bevindt zich in het midden van de geprojecteerde lichtbron.

Hier zie je achter het model het licht mooi weglopen van licht naar donker, en dus ook het afvallicht van de gebruikte lamp.
Model: Esmee

Astrid Boer
Canon R6 · ISO 100 · F 6,3 · 1/160 SEC · 58 MM

Hard of zacht

Met hard of zacht licht bedoelen we eigenlijk de schaduwen die het licht creëert. Verlopen die heel geleidelijk van licht naar donker, dan is er sprake van zacht licht. Zie je een harde lijn waar de schaduw begint? Dan is er sprake van hard licht. Een kleine lichtbron (ten opzichte van het onderwerp) zorgt voor harde schaduwen, een grote lichtbron voor zachte schaduwen. In de volgende les gaan we hier dieper op in.

Strijklicht en tangconstructie

Dit wordt vaak gebruikt door landschapsfotografen, om de gelaagdheid van het landschap en reliëf extra te benadrukken. Bij strijklicht komt het licht van de zijkant van het onderwerp, en staat de fotograaf er recht voor. Dat leidt tot unieke schaduwen en hooglichten. Bij een landschapsfoto zie je bijvoorbeeld de toppen van bomen gloeien in de zon, terwijl verderop in het dal de schaduw valt over het gras. Strijklicht levert een contrastrijk beeld, met veel schakeringen tussen licht en donker.

Hét voorbeeld van een prachtig landschap met strijklicht.

Davy De Neve (davydeneve)
Canon 5D IV · ISO 100 · F 9 · 1/320 SEC · 234 MM

Voor een portret wordt dit ook wel als tangconstructie beschreven, waarbij er vaak twee lampen van de zijkant worden gebruikt.

Een typisch voorbeeld van een portret dat is verlicht van de zijkant, volgens een tangconstructie.
Model: Senna Muntslag

René Kuipers (renekuipers)
Canon 5D III · ISO 100 · F 7,1 · 1/160 SEC · 85 MM

Tegenlicht

Fotografeer je recht tegen de lichtbron in, dan is er sprake van tegenlicht. Hoewel dit erg mooi kan zijn, kunnen er ook optische artefacten zoals kleurfouten en flaring optreden. Om dit tegen te gaan, kun je een zonnekap gebruiken. Michiels tip: gebruik die altijd, ook in de studio.

Tegenlicht vraagt veel van het dynamisch bereik van je camera, omdat er veel contrast ontstaat tussen licht en donker. Bij een portret kunnen details in het gezicht wegvallen. Bij een landschap zie je vaak tegenlicht bij een zonsondergang, waarbij ofwel gekozen wordt om de voorgrond ‘correct’ te belichten, of de achtergrond.

Gekleurd licht

Licht dat op een oppervlak schijnt en daarna op het hoofdonderwerp, neemt bepaalde eigenschappen van het onderwerp mee. Flits je op een rode muur, dan zal het rood meekomen. Vooral bij indirect licht kun je hier ‒ gewenst of ongewenst ‒ snel mee te maken hebben. Vaak is het zo subtiel dat je het achteraf pas ziet. Met name natuurlijk licht is hiermee moeilijk te controleren; licht dat bijvoorbeeld door groene bladeren heen schijnt, neemt al een groene tint mee als het daarna op je onderwerp valt.

Door ook de achtergrond te verlichten, is de kleurtint deels zichtbaar in het huidtinten van het model.
Model: Mirthe Dijkstra . Make-up en haar: Celine Visagie

Stephanie Verhart (stephanieverhart)
Canon 5D IV · ISO 100 · F 11 · 1/60 SEC · 57 MM

Krachtig, sterk of fel licht

Het licht is krachtig, sterk of fel als het hoog is in intensiteit (vaak ook wel met lumen uitgedrukt, of een bepaalde wattage). Dit heeft alles te maken met de hoeveelheid licht op een oppervlak.

Zoom Academy

Dit artikel komt uit de volledige Cursus Lichttraining door Michiel Fischer in Zoom Academy. Alles leren over de basis van fotografie en lichttraining? Bekijk de gehele cursus!

Zo leer je onder andere:

  • Wat je allemaal al kan met 1 lamp
  • Het maken van bijzondere portretten
  • Alles over verschillende lichtsoorten en lampen
  • Het gebruik van natuurlijk licht in de studio

Bekijk hier de volledige Cursus Lichttraining door Michiel Fischer.


Mis niks met de wekelijkse Zoom.nl nieuwsbrief!

E-mailadres

Fotografie Dilemma: wel of geen UV-filter gebruiken?

Fotograferen met tegenlicht? Zo pak je dat aan!