in

Buitenportret gefotografeerd? Dit is hoe je hem bewerkt in Photoshop

Veel fotografen kiezen voor buitenportretten vanwege de onbeperkte achtergrondopties. Je gaat voor de rust van het water, de dynamiek van een graanveld, het ritme van het woud of de structuur van bergen … Met deze basisbewerkingen maak je al jouw buitenportretten nog interessanter.

Dit artikel komt uit de volledige Cursus Photoshop in de praktijk 2022 in Zoom Academy. Hierin leer je alles over de nieuwe functies van het fotobewerkingsprogramma.

Een nadeel van buitenportretten is dat je soms weinig privacy hebt en ook het weer je parten kan spelen. Daartegenover staat echter dat de omgeving inspirerend werkt. Bovendien kun je profiteren van het gouden uur: het eerste en laatste uur van zonlicht. Ideaal voor dramatische en poëtische effecten.

Wat de workflow betreft, is het niet zo dat het stappenplan uit het voorgaande deel uitsluitend op portretten slaat die binnen gemaakt zijn, terwijl de volgende tips alleen voor buitenportretten gelden. Uiteraard kun je bij buitenportretten net zo goed onvolkomenheden zoals puistjes en rimpels wegpoetsen, de functies Doordrukken en Tegenhouden gebruiken en met het Hoogdoorlaat-filter het eindresultaat een extra portie scherpte meegeven.

Beschouw de tips die we hier geven dus als een soort vuistregels die nog specifieker gelden voor buitenportretten.

We werken in deze workflow met meerdere afbeeldingen om de functies te laten zien. Natuurlijk kun je de volledige workflow ook op één beeld toepassen.

Dit is één van de buitenportretten die we gaan bewerken.

Chlichés doorbreken

Bij buitenfoto’s denken we meteen aan opnames waarbij we rekening moeten houden met zonlicht, maar dat is natuurlijk geen must. Laten we daarom beginnen met een nachtopname.

Het eerste gereedschap dat we in Photoshop tevoorschijn halen, is het gereedschap Uitsnijden. Bij uitsnijden of croppen denken we meteen aan bewust kleiner maken – snijden dus. Dat cliché willen we doorbreken. Met dit gereedschap bepaal je sowieso de compositie en wijzig je de breedte-hoogteverhouding. Als je dat wilt, kun je een foto zelfs groter maken, zoals je bij de binnenportretten hebt kunnen zien. De huidige versie van Photoshop is zo krachtig dat die met gemak extra beeldinformatie creëert. Activeer in de optiebalk de functie Inhoud behouden, sleep dan met het uitsnedegereedschap de selectie iets hoger en/of breder en druk op Enter. Soms moet je nog een klein beetje retoucheren met het Kloonstempel, maar bij een foto als deze levert het standaard afgeleverde resultaat geen problemen op.

De functie Inhoud behouden zal de lege ruimte invullen met achtergrond.

Compositiehulpmiddelen

Laat je bij het uitsnijden leiden door de compositiehulpmiddelen. Dat zijn er zes: Regel van derden, Raster, Diagonaal, Driehoek, Gulden snede en Gouden spiraal. Deze visuele hulpmiddelen komen pas in beeld nadat je het gereedschap Uitsnijden hebt geselecteerd en daarna op de foto klikt. Je kunt in de optiebalk voor één van deze hulpmiddelen kiezen.

De hulplijnen zorgen ervoor dat je het onderwerp niet in het midden plaatst. Want hoewel er geen vaste regels zijn voor een geslaagde compositie, bestaan er wel richtlijnen. Beginnende fotografen hebben vaak de neiging om het gezicht van het model centraal te positioneren. Dat is natuurlijk niet vreemd, want op die manier kijk je rechtstreeks naar het onderwerp. Maar wanneer je het onderwerp wat meer naar links of rechts plaatst, wordt de foto gelijk interessanter. Hiermee creëer je ruimte naast het model. Als het model een bepaalde kant op kijkt, voeg je in de kijkrichting extra ruimte toe. Op die manier creëer je zogenaamde kijkruimte.

Een populaire compositierichtlijn is de regel van derden. Daarbij plaats je het belangrijkste element, zoals de ogen, op een snijpunt van hulplijnen die de foto zowel horizontaal als verticaal in drieën verdelen. Die hulplijnen haal je uit de optiebalk. Met uitzondering van het raster zijn het allemaal verhoudingen die je vaak in de natuur tegenkomt.

Je kunt zes verschillende compositiehulpmiddelen over de afbeelding plaatsen.

Hoogspanningskabels, verkeersborden en zwerfvuil

Behalve storende ‘persoonsgebonden’ elementen kom je buiten ook andersoortige storende elementen tegen. Soms zie je pas in de nabewerking de hoogspanningskabel op de achtergrond, het verkeersbord of het zwerfvuil dat de opname ontsiert.

Om zoiets te verwijderen, maak je altijd eerst een nieuwe laag aan, want je wilt non-destructief werken. Zorg dat deze lege laag actief is door erop te klikken. Daarna selecteer je in de gereedschapsbalk het Snel retoucheerpenseel. Stel dit penseel zo in dat het net iets groter is dan het element dat je wilt verwijderen, in dit geval dus wat breder dan de hoogspanningskabel.

Let er vooral op dat in de optiebalk Monster van alle lagen is aangevinkt. Daarna sleep je met dit retoucheerpenseel over de hoogspanningskabels. Photoshop zal eerst een donkere zone markeren die zo breed is als het penseel. Een fractie van een seconde later wordt die zone gevuld met beeldinformatie vanuit de rest van de foto. Doordat je op een nieuwe laag werkt, kun je deze bewerking ook gemakkelijk ongedaan maken (door de volledige laag te verwijderen), of alleen delen ongedaan maken (met een masker of door te gummen).

Gebruik het Snel retoucheerpenseel om hoogspanningskabels weg te werken.

De bewerking brengen we steeds op een nieuwe laag aan.

Kleur en helderheid in Camera Raw

In Camera Raw kun je makkelijk helderheid, kleur en contrast optimaliseren met het Camera Raw-filter. Dat geldt nog sterker voor buitenportretten, vooral omdat je heel slim gebruik kunt maken van de selectiegereedschappen die Camera Raw versie 14 in Photoshop 2022 (eind oktober 2021) heeft meegekregen. Adobe had in 2008 al enkele basis-selectiegereedschappen toegevoegd aan Camera Raw, maar nu zijn die indrukwekkend verbeterd. Dankzij het Masker-paneel kost het nauwelijks moeite om afzonderlijke correcties aan te brengen op het onderwerp, de achtergrond of de lucht.

We gaan nu aan de slag met deze foto.

De foto waarmee we nu gaan werken, is op het randje van overbelicht. We willen hier graag het onderwerp op een andere manier optimaliseren dan de achtergrond. Zorg dat de achtergrondlaag geselecteerd is, en kies Filter / Camera Raw-filter. In deze werkomgeving klik je rechtsboven op de knop Masker, met als pictogram een cirkel omgeven door een stippellijn. Hier vind je de tools om een masker aan te brengen met het Penseel, een Lineair verloop of een Radiaal verloop. Maar daarboven staan de twee nieuwkomers.

Camera Raw heeft twee nieuwe slimme selectiegereedschappen gekregen.

Onderwerp selecteren

Als je Lucht selecteren kiest, selecteert Camera Raw met behulp van kunstmatige intelligentie (AI) de volledige luchtpartij in je foto. Klik je op Onderwerp selecteren, dan selecteert Photoshop in dit geval met één klik het meisje. Photoshop plaatst een rode overlay over het onderwerp. In sommige gevallen, bijvoorbeeld bij een foto met veel rood, kan die rode overlay/maskerkleur onduidelijk zijn. Door op de rode bol in het rechterpaneel te klikken, kun je de kleur van de overlay wijzigen.

Op het moment dat je onderwerp geselecteerd is, kun je zaken als de belichting, de kleur, de zwarte tinten en de (kleur)temperatuur aanpassen met de schuifjes. Die aanpassingen worden uitsluitend op het geselecteerde gebied toegepast. Terwijl je corrigeert, verdwijnt de overlay uit beeld, zodat je het effect goed kunt beoordelen. Wil je de overlay terughalen, dan vink je de optie Overlay tonen aan. Nu zal Camera Raw de overlay iedere keer tonen zodra je het schuifje loslaat.

Ben je klaar met het bewerken van onderwerp? Dan is het nu de beurt aan alles behalve het onderwerp. Klik op de puntjes naast de naam Masker 1 en kies voor Masker 1 dupliceren. Er ontstaat een nieuw masker, genaamd Masker 1 Kopiëren. Klik onder dit masker met de rechtermuisknop op Onderwerp 1 en kies in het menu voor Omkeren. Hierdoor kun je de achtergrond aanpakken zonder dat het onderwerp op de voorgrond mee verandert. Op die manier kun je dus onderwerp en achtergrond afzonderlijk bewerken.

Met één muisklik selecteert het Camera Raw-filter van Photoshop het onderwerp.

Doorsnede van masker

Maar er is meer … Stel dat je de achtergrond aan de bovenkant van de foto iets donkerder en meer verzadigd wilt maken. In dat geval klik je op de blauwe knop Nieuw masker maken en je kiest Lineair verloop. Vervolgens sleep je een verloop van bovenaf naar het midden van de foto. Alle instellingen die je doorvoert, zullen echter ook worden toegepast op het hoofd van het meisje, terwijl je eigenlijk alleen de achtergrond van het bos wilt wijzigen.

Ga met de muisaanwijzer over de naam van het verloopmasker, zodat drie puntjes verschijnen. Klik daarop en kies Doorsnede maken van masker met. Selecteer uit het keuzemenu Onderwerp selecteren. Daarna klik je op de knop Omkeren, net onder de rode bol. Hierdoor wordt het lineair verloop geselecteerd, maar je zult zien dat het meisje verwijderd is uit de selectie. Alle wijzigingen die je nu doorvoert, zullen dus alleen op het bos en niet op het meisje van toepassing zijn.

Het is zelfs mogelijk om een doorsnede te maken van twee maskers.

Vignettering

Wanneer een foto vignettering heeft, wil dat zeggen dat de hoeken donkerder of lichter zijn dan het midden van de foto. Je kunt lichte vignettering toepassen, waardoor de hoeken helderder worden, maar meestal wordt gekozen voor donkere verkleuring in de hoeken. Vignettering geeft iets intiems aan de opname. Er zijn verschillende manieren om een vignet toe te passen, maar de makkelijkste manier is in Camera Raw. In het tabblad Bewerken vind je onder Effecten het schuifje Vignetten. Sleep het naar links om een donker vignet te plaatsen; naar rechts levert lichter gekleurde hoeken op. Met de knop helemaal rechts onder het hoofdvenster kun je tussen voor en na schakelen, zodat je steeds het oorspronkelijke beeld met het resultaat kunt vergelijken.

Vignettering maakt een portret intiemer.

Tem het licht

Soms valt het licht op de verkeerde plaats. Buiten heb je nauwelijks controle over het licht. Het leverde in dit geval een vlak portret op met weinig uitstraling. Gelukkig kun je in Photoshop het licht temmen. We verlaten daarvoor Camera Raw. Als je met Ctrl+L (Mac: Cmd+L) de Niveaus (de L staat voor ‘levels’) opent, zie je wat er aan de hand is. Het histogram toont dat er geen echt witpunt en geen zwartpunt zijn vastgelegd. Het ‘berglandschap’ strekt zich niet uit van het uiterste punt links naar het uiterste punt rechts.

Je kunt dit direct corrigeren in het Niveaus-venster. Maar omdat je non-destructief wilt werken én omdat je de correctie niet op de volledige foto wilt toepassen, sluit je het venster en klik je in het Lagen-paneel op de zwart-witte bol om een aanpassingslaag te maken. Vervolgens plaats je een aanpassingslaag Niveaus.

Aan het histogram zie je dat er geen echt wit- of zwartpunt is.

Aanpassingslaag

Een aanpassingslaag bestaat uit twee delen. Je herkent die twee delen in de miniaturen van het paneel Lagen.

Klik je op het linkerpictogram van de aanpassingslaag, dan kun je de instellingen van die aanpassingslaag regelen. Sleep in dit geval onder het histogram het donkere driehoekje tot waar het ‘gebergte’ begint, en het lichte driehoekje tot waar het gebergte eindigt. Het histogram toont hoe de lichte en donkere waarden verdeeld zijn. Omdat in dit geval de oorspronkelijke grafiek de linker- en rechterkant niet raakt, is er geen echt zwart en echt wit in de foto. Door de driehoekjes te verslepen, zeg je tegen Photoshop dat de donkerste waarden zwart moeten worden en de allerlichtste pixels wit. Photoshop zal hierbij ook alle tussenliggende helderheidswaarden herverdelen. Het resultaat is een krachtigere foto. Als je ook nog het middelste driehoekje (het grijze) naar links versleept, wordt het beeld helderder.

In het Lagen-paneel zie je aan de pictogrammen dat een aanpassingslaag uit twee onderdelen bestaat.

Masker

De rechterkant van de miniatuur van de aanpassingslaag toont het masker. Nu is dat pictogram volledig wit. Dat betekent dat de inhoud van de wijziging in de Niveaus die je daarnet hebt doorgevoerd, overal zichtbaar is. Klik op het pictogram van het masker en gebruik de toetscombinatie Ctrl+I (Mac: Cmd+I). Hierdoor wordt het masker zwart en is de aanpassing overal op de foto verborgen. Zorg dat in de gereedschapsbalk de Voorgrondkleur op wit is ingesteld en de Achtergrondkleur op zwart. Dat is trouwens de standaardinstelling.

Klik nu even op het masker in je lagenpaneel, om zeker te zijn dat het actief is, en gebruik een breed wit Penseel met zachte rand. Hiermee schilder je op de afbeelding op de zones die helderder moeten worden. Op die manier bepaal je dus zelf waar extra licht op valt. In ons voorbeeld zorg je dat de linkerkant van het meisje (voor ons rechts) meer licht krijgt. Je ziet trouwens in de miniatuur van deze laag hoe het masker zijn werk doet. Door in de optiebalk de Dekking van het penseel te verminderen (bijvoorbeeld naar 50%), regel je de lichtsterkte die door het masker te zien is. Interessant is ook dat je, door op het regelpaneel naast het masker te klikken, de lichtintensiteit steeds kunt aanpassen.

Met behulp van een masker geef je aan waar het licht moet invallen.

Aanpassingslaag over aanpassingslaag

Werken met aanpassingslagen is per definitie non-destructief. Als je de aanpassingslaag verbergt door het oogje voor deze laag uit te zetten, of als je de aanpassingslaag botweg verwijdert, ben je terug bij het oorspronkelijke beeld.

Je kunt ook meerdere aanpassingslagen op je foto toepassen. Om de kleur van de bloem sprankelender te maken, plaats je op dezelfde manier een aanpassingslaag Levendigheid. Je schuift de gelijknamige regelaar en eventueel ook de Verzadiging naar rechts, en door middel van een masker zorg je dat deze aanpassing alleen wordt toegepast op de bloem.

We geven alleen de roos wat meer levendige kleuren.

Lucht vervangen

Ben je tevreden, dan exporteer je het resultaat, tenzij je nog iets aan de lucht wilt doen. Was het tijdens het maken van je foto een saaie bewolkte dag? Of juist een strakblauwe lucht? Dat kan interessanter! In de twee laatste versies van Photoshop kun je met één klik de huidige lucht vervangen door een meer expressieve luchtpartij. Je hoeft dus geen ingewikkelde selecties te maken om de voorgrond van de achtergrond te scheiden.

Omdat ons Photoshop-werkbestand ondertussen uit een achtergrondlaag met daarboven enkele aanpassingslagen bestaat, moet je in het Lagen-paneel eerst de laag selecteren die de lucht bevat: de laag Achtergrond. Daarna kies je in het hoofdmenu Bewerken / Luchtvervanging. Nu selecteer je in het venster Luchtvervanging een interessante luchtpartij uit het aanbod. De lucht van je keuze verschijnt meteen in voorvertoning op de afbeelding. Klik op OK om te bevestigen.

Photoshop heeft een set karakteristieke luchten aan boord, maar je kunt ook een eigen lucht inladen.

Het resultaat van de bewerkingen in deze workflow.

Ongewenste glimplekken

Vooral bij buitenopnamen kun je last hebben van zogenaamde hotspots. De hotspots die wij bedoelen, hebben niets met wifi te maken: het gaat om de glimplekken op het gezicht, die worden veroorzaakt door onregelmatige verlichting of door een flitsreflectie op een glimmend oppervlak. Hierdoor lijkt het alsof de geportretteerde persoon erg zweet — en misschien is dat ook wel zo.

Een eenvoudige manier om dit aan te pakken is met het Kloonstempel. Maak een nieuwe laag aan in het Lagen-paneel en werk op deze lege laag. Daarna selecteer je het gereedschap Kloonstempel. In de optiebalk kies je achter (overvloei) Modus voor Donkerder. In deze modus worden alleen de pixels veranderd die lichter zijn dan het brongebied. Die lichte pixels zijn immers de hotspots. Nog steeds in de optiebalk zet je de Dekking op 30%. Ook is het belangrijk dat je bij Monster de optie Alle lagen activeert. Hierdoor zal de bewerking op de nieuwe laag plaatsvinden, terwijl het kloonstempel toch van de achtergrondlaag monsters neemt.

Selecteer linksboven in de optiebalk een middelgroot en niet te hard penseel en klik één keer met ingedrukte Alt-toets (Mac: Option-toets) op een gaaf stukje huid zonder glim. Dat wordt het brongebied: de referentie. Het kloonstempel zal uitsluitend de lichtere pixels aanpassen. Bij deze foto gaat het om het voorhoofd en de wang van de man. Sleep met het kloonstempel over de hotspots. Terwijl je verschillende hotspots corrigeert, moet je op de nabijgelegen stukken huid voortdurend nieuwe brongebieden selecteren met Alt/Option plus klik. In no time haal je op die manier alle overdreven glans uit het gelaat weg.

e vervangt alleen de lichte pixels door donkere met een Dekking van 30%.

Boven is vóór de bewerking, onder na het verwijderen van de glimplekken op het voorhoofd.

Zoom Academy

Wil je nog meer leren over bewerken in Lightroom? Volg dan onze Zoom Academy Cursus Photoshop in de praktijk 2022, waar je alles leert over de nieuwe functies in het bewerkingsprogramma! 

Zo leer je onder andere:

  • Optimaal gebruik maken van Camera Raw
  • Alles over de nieuwe powertools van Photoshop
  • Je foto op de juiste wijze te exporteren en af te drukken
  • Alle sneltoetsen die je maar kunt gebruiken

Volg nu de Zoom Academy Cursus Photoshop in de praktijk 2022! Wil je nóg meer leren? Meld je dan aan voor onze gratis Livestream Photoshop voor fotografen met Rob de Winter


Mis niks met de wekelijkse Zoom.nl nieuwsbrief!

E-mailadres

Fotografie Dilemma: software voor nabewerking

Sterren fotograferen doe je zo!