in ,

Dé compositietip voor fotografen die iedereen moet kennen

De uiteindelijke compositie van je foto’s wordt door meer aspecten beïnvloed dan je misschien denkt. De kadrering is erg belangrijk, maar een ander samenhangend aspect dat minstens net zo belangrijk is, wordt nogal eens vergeten: het standpunt.

Veel fotografen maken enkel foto’s vanuit een ‘basis’ standpunt op ooghoogte. Dat is natuurlijk logisch, want zo kijk je immers het grootste gedeelte van de tijd. Je eindresultaat hangt echter in grote mate samen met het standpunt dat je kiest. Daarom is het belangrijk om altijd goed op je standpunt te letten. Een kleine verandering in standpunt kan, afhankelijk van je onderwerp, een grote verandering in eindresultaat betekenen.

Van standpunt veranderen

Probeer het maar eens uit in de praktijk. Het onderwerp is daarbij niet zo van belang: neem bijvoorbeeld een willekeurige boom op straat. Kies nu een standpunt en maak een foto. Vervolgens maak je nog vier foto’s met nét iets andere standpunten. Ietsje naar rechts of links, naar boven en onder. Je zult zien dat de foto’s flink van elkaar zullen verschillen, zeker als je naar de relatie tussen de boom op de voorgrond en de achtergrond kijkt.

Probeer eens een heel ander standpunt in te nemen, dat maakt je foto gelijk interessanter.

Cor van der Waal, corvdwaal.zoom.nl

Sony A900 – ISO 200 – F 4,5 – 1/800 SEC – 26 MM

Veranderingen in standpunt die op dezelfde afstand tot je onderwerp plaatsvinden (de camera beweegt naar links, rechts, onder of boven) zorgen vooral voor een andere relatie tussen het onderwerp en de achtergrond.

Verander je van plaats én van afstand tot je onderwerp, dan zul je zien dat ook de perceptie of de beleving van dat onderwerp in je beeld verandert. Als je dichterbij komt, neemt je onderwerp een grotere en belangrijkere plaats in. Je onderwerp krijgt in dat geval steeds meer de ‘hoofdrol’ en de achtergrond een duidelijke ‘bijrol’. Ga je juist achteruit, dan ‘trekt’ je onderwerp zich terug in de achtergrond en wordt minder nadrukkelijk aanwezig. Je hebt dan een neutraler of – zo je wilt – saaier beeld, waarbij de beeldelementen meer met elkaar in balans zijn.

Probeer dit maar eens met dezelfde boom die je net ook hebt gefotografeerd. Je zult zien dat de boom in iedere foto, afhankelijk van het gekozen standpunt, een andere ‘rol’ vervult.

De verschillende standpunten

Het is handig een paar van de meest voorkomende standpunten te kennen. Zo kun je, afhankelijk van de situatie en het beeld dat je wilt creëren, afwisselen tussen bepaalde standpunten. Probeer ook eens een standpunt uit waar je in eerste instantie misschien niet aan denkt, want dit kan verrassende resultaten opleveren.

Met een drone heb je natuurlijk helemaal een uniek standpunt, een super-vogelvluchtperspectief.

Thomas Bartelds, thomasbartelds.zoom.nl

Hasselblad L1D-20c – ISO 100 – F 8 – 1/160 SEC – 10 MM

Ooghoogte

Fotograferen vanaf ooghoogte is voor veel fotografen het meest gebruikte standpunt, eenvoudigweg omdat we heel de dag door op deze manier naar de wereld kijken. We zijn gewend om situaties op deze hoogte te zien en daardoor zijn we automatisch geneigd om ook op deze hoogte te fotograferen.

Het kan verfrissend zijn om ook eens naar een ander standpunt te kijken, al is voor veel onderwerpen een standpunt op ooghoogte natuurlijk prima geschikt. Sommige situaties vragen er zelfs om. Het maken van een portret doe je vaak op ooghoogte van je model, ook omdat een mens van onder- of bovenaf gezien niet altijd flatteus op de foto staat. Ook landschapsfotografie wordt vaak op ooghoogte beoefend.

Als je op ooghoogte fotografeert, probeer dan alle beeldelementen die op ooghoogte zijn boven de horizon uit te laten komen. De andere elementen, die zich onder ooghoogte bevinden, mogen juist onder die horizon terechtkomen. De horizon komt op deze manier vaak min of meer centraal in je beeld te liggen.

De definitie van ooghoogte is natuurlijk niet altijd hetzelfde, want de ogen van je kat zitten op een veel lagere plek dan die van een menselijk model. Bij dieren is het dan ook vaak een leuk en speels idee om op hun ooghoogte te fotograferen. Dat geeft de dieren een echte hoofdrol in je foto en zorgt ervoor dat ze er mooi prominent en imposant op staan. Je maakt dan echt ‘contact’ met het dier in kwestie.

Met een glazen bal kun je heel leuke creatieve effecten krijgen. Deze fotografe heeft twee uur bij de uiltjes doorgebracht om deze foto te kunnen maken.

Marta Demarteau, marta38.zoom.nl

Canon 5D III – ISO 800 – F 9 – 1/250 SEC – 90 MM

Kikvorsperspectief

Het kikvorsperspectief wordt ook wel het kikkerperspectief genoemd, en die beeldende naamgeving maakt al duidelijk wat dit voor een standpunt betreft: laag bij de grond, waarbij je het onderwerp van onderen benadert. Zo lijkt je onderwerp extra groot en imposant. Dat kan heel verrassende beelden opleveren, zeker als je het gaat om een van nature klein onderwerp dat door de keuze voor een kikvorsperspectief opeens heel indrukwekkend op de foto staat.

Door midden op de weg (op een vluchtheuvel!) te gaan liggen, kun je met een zeer laag standpunt een mooi lijnenspel creëren.

Peter Abbes, peterabbes.zoom.nl

Canon EOS 1100D – ISO 125 – F 13 – 1/10 SEC – 10 MM

Vogelvluchtperspectief

We blijven bij de dieren: het tegenovergestelde van een kikvorsperspectief is een vogelvluchtperspectief. Als je daarvoor kiest, benader je je onderwerp van bovenaf en bekijk je het als het ware vanuit de lucht. Dat zorgt voor ruimtelijke en overzichtelijke foto’s. Vaak geeft dit perspectief een vervreemdend effect, omdat we niet van alle onderwerpen gewend zijn om ze van bovenaf te bekijken. De keuze voor een vogelvluchtperspectief betekent overigens niet altijd dat je echt de lucht in hoeft, want een klein onderwerp van ooghoogte benaderen geeft ook al het beoogde effect. Ook een groothoeklens en een keukentrapje kunnen al een heel aardig effect veroorzaken.

Brandpunt

Het standpunt dat je het beste kunt gebruiken in jouw situatie, heeft ook te maken met je apparatuur, en dan met name met de brandpuntsafstand van je lens. 50 mm is bijvoorbeeld een ‘standaardlens’ die voor een beeld zorgt dat veel lijkt op wat wij, mensen, door onze ogen zien. Een groothoeklens geeft je een weidser zicht en vereist meestal dat je dichter bij je onderwerp gaat staan. Een telelens zorgt weer voor een heel ander, compacter en ‘gecomprimeerder’ beeld. Al deze verschillende lenzen vereisen een ander standpunt, zeker als je er hetzelfde onderwerp mee vast wilt leggen.

Een standpunt is overigens niet altijd wat het lijkt. Fotografeer je vanaf 1 meter hoogte in Madurodam, dan kan dat een vogelvluchtperspectief zijn, maar staand onder een wolkenkrabber ineens een kikvorsperspectief. En een standpunt op ooghoogte van een hond geeft een ander effect dan een beeld op ooghoogte van een olifant.

Dat geeft duidelijk aan dat het ook aan je onderwerp ligt welk soort standpunt je het beste kunt gebruiken. Ook hier geldt: denk goed na over welk standpunt je gebruikt, want die keuze is belangrijker voor het eindresultaat dan je wellicht denkt.

Het perfecte tijdstip voor fotografen: het blauwe uur

Creatief met weinig middelen