in

De vertrouwensband tussen model en fotograaf


Ook veel mannen worden wat ongemakkelijk als ze zo ‘in the picture’ staan.

Wij mensen vinden het vaak moeilijk om iets te vertrouwen of waarderen wat we niet eens kunnen voelen, ruiken, horen of zien. Vraag maar eens aan één van de eerste entrepreneurs op het internet tegen hoeveel argwaan en wantrouwen hij/zij aanliep toen hij/zij een van de eerste online-shops oprichtte.

Mensen willen nou eenmaal graag dingen kunnen ruiken, voelen, zien en horen. Internet kan enkel die laatste twee zintuiglijke sensaties bieden. Het is daarom ook een bewuste keuze om het gedeelte ‘Over mij’ op mijn website te voorzien van een foto en een introductievideo van mezelf. Gezichten en mimiek kunnen immers soms meer onthullen over de ware aard en intenties van een persoon als de zinnen die hij of zij zorgvuldig formuleert. Een groot deel van communicatie is – afhankelijk van de situatie en gesprekspartners – immers non-verbaal. Goh! Is dat waarom mensen die iets willen verbergen voor je, altijd moeite hebben om je recht aan te kijken? Yup! Ogen zijn echt de spiegels van de ziel. Niet voor niets stelt iedere portretfotograaf precies daarop scherp.

Dit artikel gaat over een onderwerp wat ik zelf nog nauwelijks echt afzonderlijk heb zien behandelen in de vele boeken en tijdschriften die ik over fotografie heb gelezen; vertrouwen. Vreemd eigenlijk, want het is wel degelijk een heel belangrijk aspect in het leven van veel fotografen. Vooral de fotografen die ‘subtiel prikkelende’ portretten maken van aantrekkelijke mensen. Ik mag wel zeggen een essentieel aspect, want zonder vertrouwen.. geen mooie portretten. Gezichten – vooral de ogen – verraden immers vrijwel altijd de emoties van het model. Een schaars geklede schoonheid die in de lens kijkt als een hertje dat in de koplampen van een auto staart, vinden mensen (met een redelijk gezonde geest) vaak verre van prettig om naar te kijken.

Wantrouwen = geen vertrouwen = angst

Het makkelijkst is het toch als de fotograaf gewoon je vriend is. Model: Natalja Makkink.

Vooral de amateurmodellen zijn nogal eens schuchter en zelfs wat wantrouwend als ze overwegen om voor de lens van een fotograaf te gaan staan. Ik heb daar werkelijk alle begrip voor, want ikzelf voel me eerlijk gezegd ook veel prettiger achter de camera, dan er voor. Voor de lens van een vreemde gaan staan poseren kan best kwetsbaar, onwennig en raar aanvoelen. Vooral als jij een dame bent en de fotograaf een man. Daar komt nog eens bij dat er helaas rare ‘clowns’ rondlopen die het vertrouwen en/of de naïviteit van vooral jonge meisjes misbruiken met “fotografie” als ‘binnenkomer’.

Naast dit vertrouwen en die naïviteit is er mijn inziens nog een factor die meespeelt: het feit dat onze maatschappij meisjes bewust (reclame) en onbewust (opvoeding) programmeert om een substantieel deel van de eigenwaarde afhankelijk te laten zijn van ‘hoe mooi men jou zegt te vinden’. Een uitnodiging van een fotograaf voor een gratis modellen-shoot is inderdaad vaak impliciet een compliment over jouw uiterlijk, maar er zijn helaas mensen – meestal mannen- met ‘alternatieve motieven’. Ik noem deze lieden ‘foppo-grafen’. Gewapend met vaak amateuristische camera’s (soms zelfs low-end compactcamera’s) en een dosis slap en vaak verrassend dom geneuzel slagen zij er helaas soms in om ‘aan hun trekken te komen’. Ik duid dan natuurlijk op seksueel getinte zaken. Helaas slagen ze daarbij ook in iets anders: het vaak blijvend beschadigen van het belangrijkste goed wat er volgens mij is: het (zelf-)vertrouwen! Waar vertrouwen verdwijnt, doet angst zijn intrede.. en dat neem ik ze bijzonder kwalijk. Mensen hun vertrouwen beschamen is een regelrechte en langdurige bijdrage leveren aan de ‘angst-maatschappij’ die wij allemaal zo verfoeien. Het roeit pure, open en liefdevolle harten uit en vervangt ze door beschadigde, gesloten en cynische harten. Ik kan me niet voorstellen dat iemand daar blij mee zou zijn. Zelfs die ‘foppo-grafen’ niet, als ze zich tenminste bewust waren van de schade van hun handelen.

De modellen-industrie: oppervlakkigheid en schone schijn

Daar zit je dan; jong en mooi, maar toch zichtbaar (nog) wat ongemakkelijk. Model: Kim Pfaff

Laten we elkaar niet voor de gek houden; de modellenindustrie staat niet bekend om haar oprechte interesse in de diepere lagen van mensen. Het gaat er immers overduidelijk om het uiterlijk. De verhalen van anorexia en van modellen die bij het verschijnen van de eerste rimpels, kraaienpootjes of vetrolletjes zonder pardon afgedankt werden, ondanks dat hun persoonlijkheid juist interessanter en rijper was geworden, zijn een publiek geheim. Als model ben je – like it or not- meestal gewoon ‘eye-candy’. Een verschijning die prettig is om naar te kijken en die dan ook de ’taak’ heeft om mensen (klanten) aan te trekken; vandaar ‘aantrekkelijk’. Dat jij ook een ontzettend lief of behulpzaam persoon bent of dat je prachtig kunt zingen is op de uiteindelijke foto niet of nauwelijks zichtbaar. Ik durf dan ook ruiterlijk toe te geven dat ik ook niet onverdeeld gelukkig zou zijn als mijn prachtige vriendin (Natalja; zie vorige foto) of mijn inmiddels twintigjarige en eveneens beeldschone ‘bonus-dochter’ (Kim; zie foto hiernaast) zou komen vertellen dat ze in het modellenwereldje zou gaan werken. Bovendien zouden de huidige eisen aan professionele fotomodellen met betrekking tot lengte, omvang en gewicht hen al rap – geheel onterecht – het gevoel geven dat ze helemaal niet zo mooi zouden zijn. Ik schrijf dit dan ook absoluut niet om jongedames aan te moedigen model te worden. Ik schrijf dit om die dames (en wellicht ook heren) die deze beslissing al hebben genomen te behoeden voor het misbruik van hun onwetendheid en het daaruit voortvloeiende naïeve vertrouwen. Gewoon een paar tips van een bezorgde fotograaf. Doe er mee wat je wilt.

Go with your gut

Aspirant modellen vragen mij wel eens: “hoe weet ik nou of iemand te vertrouwen is. Sterker nog: hoe weet ik of jij wél te vertrouwen bent?” Ik zeg dan altijd ongeveer hetzelfde: “dat kun je helaas nooit echt weten”. Als er iets is waar mensen soms erg goed in zijn, dan is het wel rookgordijnen opwerpen om je te misleiden. Hoe fouter de intenties, hoe geavanceerder en verfijnder de trukendoos.

Dit klinkt misschien wat deprimerend en hopeloos, maar.. ik voeg daar vaak aan toe: “vertrouw op jouw instinct en luister naar je buikgevoel. Zodra je ook maar een beetje het gevoel hebt dat je mij niet helemaal kunt vertrouwen.. ga lekker naar huis, want zelfs al zou je dat gevoel trachten te negeren en toch aan het poseren gaan, dan zal dat gevoel in je gezicht aftekenen en de foto’s verpesten”. Vertrouwen is echt essentieel. Als het niet goed voelt; niet doen! Sowieso vind ik dat mensen eens wat vaker naar hun buikgevoel zouden moeten luisteren in plaats naar hun verstand, maar dat terzijde. Voelen is wat mij betreft ook een soort ‘diep van binnen weten’. Hoe vaak horen we onszelf of anderen niet zeggen: “eigenlijk wist ik al lang dat er iets niet in de haak was”? Dit woord ‘eigenlijk’ wordt het meest gebruikt door mensen die niet (meer) op hun instinct vertrouwen en dus mijns inziens te veel beslissingen nemen op basis van hun ratio.. ofwel: hun gevoel neigen te negeren. Bewaak jezelf er maar eens een tijdje op.

Zijn er dan geen trucjes?

Jawel hoor. Ze zijn alleen niet zaligmakend. Het komt in feite neer op ‘uit de tent lokken, zodat je buikgevoel er dan weer op kan reageren’. Let als aspirant model onder andere op de volgende dingen om dit soort koekenbakkers te ontmaskeren:

1. Seksueel gefrustreerde ‘foppo-grafen’ hebben vaak weinig tot geen kennis of vaardigheden op het gebied van de fotografie. Kijk eens naar zijn website. Welke gevoel krijg je daarvan? Vraag ook of hij je eens een aantal andere foto’s van zijn portfolio wil laten zien. Als hij ineens erg moeilijk, geïrriteerd of nerveus begint te doen of aankomt met een paar plaatjes waar je een raar buikgevoel of misschien zelfs een lachbui van krijgt, dan weet je genoeg. Dus nogmaals: luister ook hier weer altijd naar je buikgevoel.

2. Als je zelf ook enige basiskennis van fotografie hebt, stel je hem een paar vragen zoals:
• in welk Gamut fotografeer je eigenlijk?
• Hoeveel wattseconden zijn je studioflitsers?
• Welke kleurtemperatuur produceren jouw flitsers?
• Wanneer gebruik jij paraplu’s en wanneer softboxen?
• Wat is het merk en type van je lichtmeter?
• Meet je in je studio opvallend licht, gereflecteerd licht of beiden?
• Doe je ook wel eens Low-key en/of High-key opnames?
• Hoe realiseer jij een mooi haarlicht of ‘separation light’?

Als hij zichtbaar baalt en/of nerveus wordt van dit soort vragen in plaats van dat het hem enthousiast maakt, dan kun je volgens mij ook wel vraagtekens zetten bij de mate waarin fotografie zijn passie is. Ikzelf moet mezelf na een paar van dat soort vragen er aan herinneren dat er ook nog foto’s moeten worden gemaakt. De kans dat de fotoshoot tijdelijk verandert in een workshop studiofotografie is niet denkbeeldig.

3. Vraag eens of je bij hem thuis op een vrijblijvend bezoek mag komen om hem, zijn portfolio en/of zijn studio-apparatuur te bekijken. Als hij met duidelijk voelbare tegenzin akkoord gaat doe je er een schepje bovenop en vertel je dat je graag je vriend of vader mee wilt nemen. Een ‘foppo-graaf’ met onheuse bijbedoelingen schermt zijn huisadres en identiteit angstvallig af en zal daar niet graag mee akkoord gaan.

Ik hoop van harte dat hier iemand mee geholpen is. Niet alleen om onschuldige mensen (meestal jongedames) te behoeden, maar ook omdat het misbruik van de fotografie mij aan het hart gaat. Daarvoor is het een veel te mooi vak, dan wel hobby.. toch?

Ik wens jullie veel fotografieplezier, Robert van der Schoot

Mis niks met de wekelijkse Zoom.nl nieuwsbrief!

E-mailadres

Review: Nikon D500

Belangrijke tips: Communicatie tussen model en fotograaf