in

Foto-toerist in de dierentuin



4 augustus 2015, 08:00

Ed Steenhoek schrijft over zijn fotografie-ervaring in San Diego Zoo; één van de meest gewaardeerde dierentuinen ter wereld.

Als (hobby)fotograaf probeer je het onderwerp op je foto zo optimaal mogelijk weer te geven. Bij voorkeur controleer je alle omstandigheden. De juiste positie, het beste tijdstip en het meest geschikte weer. Wanneer echter ’s avonds in Lightroom blijkt dat het toch niet helemaal optimaal is, dan ga je morgen terug. Wat doe je echter als dat niet mogelijk is? Lees ook de blog Verwacht het onverwachte als reisfotograaf.

Fotografie is voor mij een hobby die ik weet te combineren met mijn werk en familie. Ik zie mezelf dan ook vaker als ‘foto-toerist’ dan als alleen fotograaf. Een mooi voorbeeld daarvan is een dagje naar de dierentuin. Een plek waar het in de regel de kunst is om het beste te maken van het verkeerde licht, hinderlijke bijzaken en de wetenschap dat je hier morgen niet nog een keer zal zijn.

De voorbereiding

Ik wist dat ik voor mijn werk naar San Diego ging en aangezien ik niet alleen toerist wou zijn, heb ik meteen gezocht naar interessante locaties om mooie foto’s te kunnen maken. Omdat ik graag dieren op de foto zet, was een bezoek aan de San Diego Zoo een verplicht nummer. Tijdens mijn voorbereiding maakte ik gebruik van de volgende checklist:

1. De website van de locatie
Wanneer zijn ze open? Bieden ze rondleidingen of extra opties? Wat zijn de speciale attracties? Is er een plattegrond? Hoe ligt het park t.o.v. de zon? Wat zijn de hinderlijke omstandigheden?

2. De foto’s op Flickr
Omdat ik niet de eerste zal zijn die er foto’s gaat maken. Je leert heel veel van wat anderen hebben gedaan.

3. De reviews op Tripadvisor
Wat zijn de ervaringen van anderen? Wat is er goed geregeld en wat niet?

4. Is er een fotogroep ter plaatse en kun je aansluiten bij een activiteit van hen?
Niets is leuker dan rondlopen met gelijkgestemden.

Natuurlijk kun je nog veel meer informatie achterhalen via Google, maar mijn ervaring is dat ik succesvol kan zijn met slechts deze 4 stappen. Met voldoende kennis, kan ik vervolgens de keuze maken voor de apparatuur die ik meeneem. Deze keuze is altijd afhankelijk van de omstandigheden:

– Heb ik een kluis in de hotelkamer om ook zonder fotospullen op stap te kunnen en wat past daar dan in?
De maat ‘laptop safe’ is meestal een goede indicatie dat je er genoeg in kwijt kan.

– Hoeveel handbagage mag ik mee in het vliegtuig?
Mijn persoonlijke ervaring is dat gewicht meestal niet gecontroleerd wordt, maar de maten des te meer. Een normaal uitziende rugzak die je draagt alsof er niets inzit, doet wonderen.

– Wat staat men toe op de locatie?
In de VS is een statief veelal het synoniem voor een professionele fotograaf en dan moet je een schriftelijke toestemming hebben om te fotograferen. Heb je daar nog de tijd voor en wil je dat extra gewicht wel meenemen?

Mijn (on)geluk ter plaatse

San Diego ligt in de ‘Sunshine State’. California dus. Dat heb ik geweten ook. De dagen dat ik er was, waren de warmste dagen ooit, op dat tijdstip van het jaar. Het was half maart en 33 graden. Er stond een strak blauwe hemel met een knal oranje zonnetje. Dit betekende echter wel dat sommige dieren minder actief waren. Niet zeuren, het is wat het is.

Gelukkig had ik de ‘Early Morning with Pandas’ toer geboekt. Dat betekende dat ik voor opening al binnen was en op weg was naar de Reuzen Panda’s die hun ontbijt (bamboe) krijgen. Voor Reuzenpanda-begrippen is dat een erg intensieve activiteit. Het betekende ook dat ik achter de schermen kwam en twee uur lang uitgelegd kreeg hoe men de dierentuin runde. Voor mij was het de uitgelezen kans om dieren te zien a) voordat het mega druk zou zijn, b) die voor anderen niet te zien waren of c) van een betere kant kon fotograferen. De ideale combinatie van toerist en fotograaf. Er zijn meer dierentuinen (zeker in de VS) die dit doen. Echt een aanrader.

Tips & Trucs

Hoeveel geluk je zal hebben met de omstandigheden, zal je vooraf nooit weten. Toch zijn er een aantal basisregels, die je in staat stellen om de dierentuin uit de foto te laten verdwijnen:
1. Gebruik een kleine scherptediepte waardoor de achtergrond wazig wordt en het dier los komt te staan van zijn achtergrond.
2. Let goed op de compositie: kies voor een natuurlijke achtergrond en laat hekken, hokken, emmers e.d. buiten beeld.
3. Close-ups maken het je makkelijker en ogen ook natuurlijker. In het wild verschuilt een dier zich veelal in de begroeiing, waardoor je niet het hele dier op de foto zal krijgen. Probeer dit dan ook niet in de dierentuin. Een Amoerpanter is uiterst zeldzaam en zoekt altijd dekking. Een foto met alleen zijn kop is dan best ‘natuurlijk’.
4. Tralies verdwijnen als sneeuw voor de zon. Door je lens zo kort mogelijk voor de tralies te houden en scherp te stellen op het dier dat wat meer naar achter zit, zijn de tralies op de foto in feite niet meer zichtbaar.
5. Glas spiegelt niet in je eigen schaduw. Steeds meer dierentuinen gebruiken glas in plaats van tralies omdat de bezoeker dan de dieren beter kan zien. Voor fotografen zorgt dit voor een risico op spiegeling. Ook hier is de remedie om zo dicht mogelijk op het glas te fotograferen. Daarnaast moet je proberen met je eigen lichaam ervoor te zorgen dat een schaduw valt op de plek waar je lens voor het glas staat. Nat en vies glas blijft altijd een uitdaging. Helaas verdwijnen druppels aan de binnenkant van het glas niet als sneeuw voor de zon.
6. Kijk en heb geduld. Veel dieren in een dierentuin hebben een ritme waarin ze zich door hun verblijf bewegen. Soms is dit ritme nihil en ligt de leeuw lui en bewegingsloos in het zonnetje. Actieve dieren hebben soms een vaste plek waar ze heel even stil staan. Door te kijken en een beetje geduld te hebben, kun je daar gebruik van maken.

Voorbeeld

San Diego Zoo heeft een aantal katachtigen achter de schermen geplaatst omdat zij een nieuw verblijf krijgen. Het huidige verblijf van deze Amoerpanter is een typische kooi met tralies. Door te kiezen voor een beperkte scherptediepte, verdwijnen de contouren van de kooi op de achtergrond. Door te kiezen voor een close-up wordt voorkomen dat alsnog de tralies in beeld komen. En door eerst te kijken wist ik het punt waarop hij stil zou gaan zitten zodat ik daarop kon inspelen.

Natuurlijk kijken we altijd naar het eindresultaat zoals we dat graag willen laten zien. Maar, ter lering en vermaak, is het nu ook goed om te laten zien dat het ook minder kan… Want met een te lange sluitertijd, teveel scherptediepte en het onderwerp te dicht op de achtergrond, kan het resultaat er opeens zo uit zien…

Niet alleen als het onderwerp te dicht op de achtergrond zit, maar ook als hij te dicht op de voorgrond zit, gaat het fout. Zelfs met een hele kleine scherptediepte, zullen de tralies zichtbaar blijven. Misschien niet altijd zo duidelijk als hier, maar minstens herkenbaar.

Geen prijswinnaars zullen we maar zeggen. Natuurlijk zijn er ook genoeg dieren in een dierentuin die zich redelijk eenvoudig laten fotograferen zonder dat je meteen ziet dat het geen echte ‘wildlife’ foto is. Overigens staan flamingo’s nooit stil. Dus een korte sluitertijd in combinatie met een beperkte scherptediepte is wel noodzakelijk. Soms moet je echter alles vergeten en gewoon de foto maken om dan achteraf te kijken of het iets of niets is geworden.

Deze ijsbeer hief zijn kop op om even van het zonnetje te genieten. Daarna nam hij een duik in het water en was het moment weg. En ja, dan is er maar te weinig ‘ijsbeer’ aan de onderkant van de foto… en een schaduw op de neus die je misschien liever niet gezien had…

Kleine camera’s met grootse prestaties

Fotograferen met een handicap