in

Fotodokter: Hard licht



12 juni 2014, 15:29

Maak jij wel eens een foto die volgens jou beter had gekund maar weet je niet hoe? Vandaag behandelt de Fotodokter de vraag van Anouk van der Velde over fotograferen met hard licht.

De vraag

Vandaag heb ik voor het eerst actie foto’s gemaakt van een hond, dit was het resultaat. Zelf vind ik hem absoluut nog niet super. Ik vind de kleuren niet mooi genoeg en twijfel ook over de scherpte. Had ik misschien een kortere sluitertijd moeten kiezen? Of voor een ander diafragma moeten kiezen? En hoe krijg ik mooie kleuren? Hebben jullie tips voor mij voor zulke foto’s?


(foto: anouk24)

De behandeling van de fotodokter

Zo’n rennende hond is altijd lastig om te fotograferen, zeker bij deze licht omstandigheden: hard licht. Allereerst vertelt de Fotodokter hoe je met hard licht kunt fotograferen. Daarna vertelt hij hoe je bewegende dieren haarscherp op de foto vastlegt.

Hard licht

In de Nederlandse zomermaanden hebben we vaak hard licht. Hard licht heb je zo ongeveer 2 uur na zonsopkomst tot 2 uur voor de zonsondergang. Midden op de dag schijnt de zon (bijna) loodrecht op de aarde en geeft daarmee ook het felste licht. Dit felle licht zorgt voor diepzwarte schaduwen, voornamelijk recht onder het object. Bij portretten ontstaat overal waar reliëf is, zoals onder de neus, kin en ogen, schaduw. Dit voorkom je door te flitsen. Is de flits te sterk? Maak dan gebruik van de flitsbelichtingscompensatie, deze vind je in het menu en herken je aan het pictogram met een bliksemschicht en een plus-minteken ernaast. Een tweede oplossing is het licht reflecteren of te filteren bijvoorbeeld met een reflector.

Histogram

De donkere schaduwen zorgen voor grote contrasten in je foto. Het is daarom lastig om de foto goed te belichten. Een handig hulpmiddel is het histogram. Het histogram laat de verdeling tussen donker en licht in je foto zien. Een ideaal histogram past precies binnen de lijnen en schiet niet naar links of rechts uit. Schiet je grafiek uit naar links? Dan heeft je foto dichtgelopen vlakken. Bij een uitschieter naar rechts zijn delen uitgebeten. Waarschijnlijk kan je foto de grote lichtcontrasten niet aan en worden donkere delen dichtgelopen en lichte delen uitgebeten. Je moet een keuze maken in welke delen je goed wil belichten. Wil je details in de schaduw zichtbaar maken, probeer dan geen uitschieters naar links te maken. Om overbelichte delen te voorkomen mag de grafiek de rechterkant niet aanraken.

Nabewerking

Ben je toch niet helemaal tevreden over de belichten? Dan kun je in de nabewerking de belichting nog corrigeren. Het is wel van belang dat je in raw hebt gefotografeerd voor zo min mogelijk kwaliteitsverlies. Ga aan de slag met de aanpassingslaag Niveaus of speel met de schuifregelaars ‘hooglichten’ en ‘schaduwen’.


Hard licht geeft grote contrasten door de pikzwarte schaduwen (foto: fotobram)

Bewegende dieren

Een manier om snel bewegende objecten goed te bevriezen is fotograferen met een hoge burstrate te fotograferen. Dit heeft zo zijn voor- en nadelen. Met zo’n snelle camera die 12 beelden per seconde kun je de leuke momenten haast niet missen. Het probleem is wel dat je onnodig veel foto’s maakt en je later door grote hoeveelheid foto’s op zoek moet gaan naar de perfect getimede foto. Het is daarom verstandiger om de burstrate iets lager te zetten en probeer de foto echt goed te timen. Kies bijvoorbeeld eens 6 beelden per seconde en oefenen maar!

Scherpstellen

Het beste resultaat bij bewegende onderwerpen krijg je als je het middelste AF punt selecteert. Dit in de meeste gevallen het meest sterke AF punt. Richt je focuspunt op de kop van het dier. Kies je alle focuspunten, dan kan je camera problemen krijgen tijdens het automatisch scherpstellen. Misschien stelt de camera dan scherp op iets anders dan je trouwe viervoeter.

Daarom is het handig om bewegende objecten in de ai-servo (Canon) of continue focus (Nikon) stand te fotograferen. De continue focus probeert je scherp gestelde onderwerp te volgen en zo scherp in beeld te houden. Hiermee hoef je niet steeds opnieuw scherp te stellen. In het geval van Anouk komt de hond recht op haar af rennen, zou je hem zijwaarts fotograferen, dan kun je de camera gelijkmatig met de beweging mee bewegen.


Bevries bewegende dieren met een hoge burstrate en stel het middelste AF punt in (foto: grojan)

Overige tips

1. Heb geduld bij dierenfotografie! Je kunt het dierlijke model misschien een beetje sturen naar een gewenste houding of gedrag, maar je invloed blijft beperkt.
2. Houd je camera altijd stand-by. Veel dieren geven je maar een paar seconden om dé foto te maken.
3. Kies een laag standpunt, namelijk op ooghoogte van het dier. Wil je meer variatie? Neem dan een heel laag perspectief aan (kikvorsperspectief).
4. Zorg dat je je camera op de ‘automatische piloot’ kunt bedienen zonder je oog van de zoeker te halen. Bij plotselinge actie maakt dit het verschil tussen een gemiste kans en een wereldplaat.
5. Het kan ook leuk om je onderwerp niet geheel te bevriezen. Experimenteer eens met beweging in je beelden, bijvoorbeeld door middel van panning (trek de camera mee met actieve dieren) of kies bewust een langere sluitertijd.

Meer weten over je eigen hond fotograferen? Lees hier dan de basis of neem alle tips en tricks eens door.

Zelf insturen?

Kleuren sprankelen te weinig, de belichting kan beter, de compositie strakker? Heb jij een foto die je wil verbeteren, maar je weet niet hoe? Stuur hem in en de Fotodokter legt de vinger op de zere plek, stelt een diagnose en geeft tips voor verbetering. Insturen kan via een mail naar redactie@zoom.nl. Stuur in de mail de link van de foto op Zoom.nl en stel je vraag aan de Fotodokter.

Mis niks met de wekelijkse Zoom.nl nieuwsbrief!

E-mailadres

Zoom.nl Lezing Jimmy Nelson vol inspiratie!

Het onbekende genre: Astrofotografie