in

Fotograferen in de mist: tips voor de juiste belichting en scherpte

Iedereen kijkt graag naar mistfoto’s en elke fotograaf wil ze dolgraag maken. Mist zorgt voor een unieke sfeer en laat zelfs een vertrouwde omgeving er compleet anders uitzien. Wanneer kun je mist verwachten, hoe leg je de bijzondere sfeer vast en hoe zorg je ervoor dat de belichting klopt en de foto’s scherp zijn?

Zodra er mist ontstaat, lijken we plotseling in een andere wereld te leven. Er hangt een mysterieuze en dromerige sfeer, geluiden klinken gedempt, kleuren en details vervagen en van een afstandje lost alles langzaam maar zeker op in het niets. Zelfs de meest saaie en troosteloze omgeving ziet er met mist plotseling spectaculair uit. Het is allemaal prachtig om te zien en mee te maken, maar hoe leg je de speciale sfeer van mist het beste op een foto vast?

Wit maar niet té

Bij het maken van mistfoto’s is allereerst extra aandacht nodig voor de belichting. Want zodra de wereld grotendeels in het wit is gehuld, is de belichting een stuk lastiger inschatten. Je wilt immers niet dat de witte mist als een overbelichte vlek op de foto komt. Want hoe wit moet wit zijn op het camerascherm? Helaas kun je niet altijd op de automatische belichting van de camera vertrouwen, hoe geavanceerd jouw toestel ook is. Vaak zul je een correctie moeten toepassen.

Een goed hulpmiddel hierbij is het histogram. Hoe meer mist er is, hoe meer wit er in je foto te zien moet zijn. Vandaar dat er een flinke berg aan de rechterkant van het histogram hoort te zitten; daar bevinden zich de hooglichten. Hangt er slechts een vleugje grondmist, dan verschuift het complete histogram meer richting het midden en links. Er blijft dan misschien maar een kleine piek uiterst rechts over. Het gaat dus altijd om de balans tussen wat nog zichtbaar is van de omgeving en wat door de mist aan het zicht onttrokken is.

Belichting corrigeren

Hangt er veel mist en zie je rechts op het histogram weinig tot geen pieken? Dan weet je meteen dat de foto straks te donker en de mist grijs zal zijn. Door belichtingscompensatie op bijvoorbeeld +1 of +2 in te stellen, vertel je de camera dat je een langere belichting nodig hebt. Het histogram schuift zo een stuk naar rechts. Om te voorkomen dat je details in de lichte gebieden kwijtraakt, ofwel de mist overbelicht raakt, moet je wel voorkomen dat de bergpieken zich tegen de rechterkant van het histogram beginnen op te hopen. Het moet een bergje blijven met voldoende reliëf. Op veel camera’s kun je instellen dat overbelichte delen gaan knipperen. Dat maakt het makkelijker om te zien of alles goed gaat. Belichtingscompensatie kun je gebruiken in zowel de P-, Av als de Tv-stand. Werk je in de M-stand, dan stel je meestal een langere sluitertijd of een hogere iso-waarde in.

Foto: Dennisart

Contrastrijk scherpstellen

Automatisch scherpstellen lukt het beste als er voldoende contrast is en laat dat nu juist ontbreken bij mist. Jouw toestel heeft daarom merkbaar meer moeite om goed scherp te stellen. Hij heeft hier iets meer tijd voor nodig en zal er ook wat vaker naast zitten. Richt bij het scherpstellen daarom op een punt waar je nog duidelijk details kunt onderscheiden. Een boomtak, struikgewas, een verkeersbord, een geparkeerde auto, noem maar op.

Kies dus een plek waar het minder mistig is en richt vooral niet op iets wat grotendeels aan het zicht onttrokken is. Houd wel rekening met de scherptediepte. Stel dus niet scherp op een grasspriet of steen vlak voor je voeten als het om een weids landschap gaat. Bij mist is het zicht beperkt, dus heb je niet altijd een enorme scherptediepte nodig. Het is daarom minder erg als je wat dichterbij moet scherpstellen dan je bij landschapsfotografie gewend bent.

Herkaderen en scherpstelpunten

Vaak richt je de camera eerst op een contrastrijk object om scherp te stellen, waarna je met half ingedrukte ontspanknop opnieuw kadert tot je een mooie compositie hebt. Wat ook kan, is meteen de gewenste compositie maken en een scherpstelpunt kiezen dat precies over een contrastrijk voorwerp valt. Je kunt de camera dan nagenoeg op dezelfde plek gericht houden en achter elkaar doorgaan met foto’s maken zonder steeds opnieuw te kaderen.

Een derde methode is overschakelen op handmatig scherpstellen. Nu hoef je maar één keer scherp te stellen en kunt foto’s blijven maken zolang de afstand tussen jou en het onderwerp ongeveer hetzelfde blijft en je niet inzoomt of uitzoomt. Handmatig scherpstellen is met de zoeker van een spiegelreflex niet altijd even makkelijk. Heb je een systeemcamera, dan kun je met een druk op de knop het beeld in de digitale zoeker uitvergroten, zodat je beter ziet wat je doet. Verder hebben systeemcamera’s nog meer foefjes in huis om nauwkeurig scherp te stellen. Zoals focus peaking, waarbij scherpe contouren en details met een kleurtje gemarkeerd worden.

Mist en context

Mist ziet er betoverend uit. In een poging dit zo goed mogelijk vast te leggen wordt er vaak maximaal ingezoomd, zodat plekken waar geen mist hangt uit beeld geweerd worden. Toch is dit niet altijd een goed idee. Het versluierende effect van mist neemt geleidelijk toe naarmate de afstand groter wordt. Dichtbij zie je de omgeving nog redelijk tot goed, maar hoe verder weg je kijkt, hoe waziger alles wordt. Tot alles opgeslokt wordt en de wereld lijkt te eindigen.

Daarom geef je een foto veel meer diepte en perspectief door niet of in ieder geval minder in te zoomen. Van goed zichtbaar ga je nu stapsgewijs naar onzichtbaar. Vooraan zie je nog omgeving en pas in de verte is alles verdwenen. Zo ontstaat een mooie gelaagdheid en dieptewerking en is duidelijk te zien wat het effect van mist is. Als je met invoerende lijnen werkt leid je het oog van de kijker ook nog eens op natuurlijke wijze door het beeld heen. Denk aan een riviertje, een straat met leuke huisjes, een bomenrij, of een kronkelige weg die in de verte langzaam oplost.

Foto: Tineke van Persie

Contrast

Worden we door een dikke mistlaag overspoeld, dan wordt al het directe zonlicht tegengehouden. Hierdoor is er weinig contrast en blijven de kleuren vaal. Als je nu een foto maakt, zie je maar een kleine berg in het histogram. Er zijn namelijk amper donkere of lichte tonen, het is vooral middenmaat. Je kunt dat bergje hooguit door het histogram verschuiven door langer (of korter) te belichten. Geef je de foto liever wat meer pit? In de nabewerking kun je het histogram oprekken door hooglichten en witte tinten te versterken en tegelijkertijd de zwarte tinten en de schaduwen donkerder te maken. Door de aanwezige tonen op te rekken, dus evenwichtiger over het histogram uit te smeren, krijg je meer contrast. Schiet alleen niet door, want dan raak je de dromerige en mysterieuze sfeer kwijt en wordt de foto al snel te hard en onnatuurlijk.

Dringt de zon door de mist heen, dan is het contrast aanzienlijk hoger en zijn er meer en mooiere kleuren te zien. Ook kan er nog een stukje blauwe lucht te zien zijn of de mist kleurt dankzij de opkomende zon. Vooral als je richting zon fotografeert is het belangrijk dat de foto nu niet overbelicht raakt vanwege het hoge contrast. Het kan nodig zijn iets korter te belichten om de oplichtende mistgebieden te redden zodat ze goed gedetailleerd op de foto komen. Andere delen zullen nu te donker op de foto komen, maar die kun je in de nabewerking eenvoudig lichter maken. Je kunt ook een hdr-foto maken door opnamen met verschillende belichtingen te combineren.

Stedelijke mistfoto’s

Bij mist trek je er vast meteen op uit om prachtige landschappen vast te leggen en natuuropnamen te maken. Toch loont het de moeite om het ook eens anders aan te pakken en juist de bebouwde kom op te zoeken. Er is vast wel een leuk dorp of een pittoresk plaatsje in jouw omgeving te vinden. Als er mist hangt, ziet het er ook daar plotseling heel anders uit dan je gewend bent en kun je sfeervolle platen maken. Denk aan een dorpsstraat die opgeslokt wordt door de mist, leuke huisjes tussen de mistflarden, een slingerweggetje. Of wat dacht je van bewoners die ook met dit weer hun hond uitlaten of op weg gaan naar het werk of de buurtsuper. Zelfs in een stad kun je mooie mistfoto’s maken. Complicatie is wel dat het daar niet snel mistig is en je daarom direct je kans moet grijpen als het eenmaal zover is. Bedenk daarom nu al welke plekken het meest geschikt zijn mocht er een keertje stedelijke mist ontstaan, zodat je er direct heen kunt gaan zonder kostbare tijd te verliezen.

Foto: Ronver1960

Wanneer wordt het mistig?

De grote vraag is natuurlijk: hoe weet je wanneer je mistfoto’s kunt maken? Hoe eerder je dat weet, des te beter je een shoot kunt voorbereiden en inplannen. De meeste kans heb je in het najaar en het voorjaar, maar ook in de winter. Probleem is dat mist best lastig te voorspellen is. Het ontstaan ervan hangt af van een combinatie van weerfactoren. Alleen als alles ‘precies op zijn plek valt’ ontstaat een mooie mistlaag. In het kort moet de lucht vochtig zijn. Zodra dit afkoelt kan het vocht condenseren tot mist. Misschien verwacht je dat het windstil moet zijn, omdat de mist anders meteen verwaait, maar het mag ook weer niet windstil zijn. Er is een zuchtje wind nodig, zodat er een constante aanvoer van verse vochtige lucht is en de mist zich voldoende kan verdichten. Dus is ’s avonds de lucht vochtig door bijvoorbeeld een regenbuitje en volgt er een onbewolkte koude nacht, dan is er een goede kans op mist in de ochtend.

Dauwpunt en vochtigheid

Wat je in de gaten kunt houden, is het dauwpunt. Dat is de temperatuur waarbij de lucht begint te condenseren. Zodra het dauwpunt gelijk is aan de (verwachte) temperatuur, is het tijd om je fototas klaar te zetten. Staat het dauwpunt niet aangegeven in een weer-app of op een weerwebsite? Kijk dan wanneer de luchtvochtigheid 100% is, want dan is het dauwpunt bereikt. Een trucje is ’s avonds uit het raam kijken of de autoruiten beslagen zijn. Dat is het teken dat vochtige lucht aan het condenseren is. Misschien ontstaat er geen mist bij jou in de straat, maar wel in de polder of dat leuke natuurgebied een paar kilometer verderop.

Foto: Neler

Snel op pad

Is er kans op mist? Aarzel niet te lang en zorg dat je op tijd op locatie bent. Zodra de zon doorbreekt, kan het alweer snel uit zijn met de pret. Alleen bij hardnekkige mist kun je uren of zelfs een hele dag zoet zijn. Het kan gebeuren dat je voor niets op pad gaat, of dat er slechts een dun laagje grondmist ontstaat. Hopelijk kun je ook dan een paar leuke plaatjes schieten en anders heb je een volgende keer vast meer geluk. In de winter kan mist aanvriezen zodat een mooie laag rijp op bomen en struiken ontstaat.


Composities in de praktijk: zo fotografeer je wegen, kanalen en tunnels

5 fotolocaties om otters te fotograferen