in

Hoe stel je het beste en snelste scherp? – 3 manieren om beter scherp te stellen

Redactie

Een van de belangrijke kwaliteiten van een goede foto, is dat hij altijd op precies het juiste punt scherp is. Soms heb je ruim de tijd om een foto te maken en scherp te stellen, maar soms beweegt het onderwerp snel of is het moment zo weer voorbij. Hoe kun je dan het beste scherpstellen? Wij geven je drie manieren om meer uit je camera te halen!

Wil je meer leren over fotografie en ook prachtige foto’s leren maken? Bekijk dan onze Basiscursus Fotografie

Als je fotografeert in de volautomatische stand van je camera, dan bepaalt je camera op welk gebied in het beeld wordt scherp gesteld. Vaak gaat dit goed, maar het gebeurt ook regelmatig dat je camera op iets anders scherpstelt dan jij bedoeld had. Met deze drie methodes heb je zelf meer controle over scherpstelling en autofocus.

Backbutton

Waarom gebruik je back button focus?
Dit is een functie die nog lang niet iedere fotograaf heeft ontdekt, terwijl de meeste camera’s dit wel bieden (vaak via een aparte instelling in het menu). Met back button focus regel je de scherpstelling via een aparte knop, los van het maken van de foto zelf. Het eerste belangrijke voordeel: je hoeft niet bij elke verandering van een instelling opnieuw scherp te stellen. Verander je bijvoorbeeld de sluitertijd of iso-waarde tussen de foto’s door en verandert er niks aan je positie ten opzichte van het onderwerp, dan hoef je ook niet verplicht opnieuw scherp te stellen.

Dit helpt bijvoorbeeld als je wilt herkaderen na het scherpstellen. Je stelt scherp op een punt, kadert je camera zoals je de compositie wilt hebben en maakt de foto. Wil je daarna nog eenzelfde foto maken met een iets hogere ISO-waarde? Dan druk je gewoon de sluiter in en hoef je niet opnieuw scherp te stellen. Handig!

ReZon

Let op: Als je de diafragma-waarde aanpast verandert er iets in de scherptediepte van de foto en is het vaak wel beter om opnieuw scherp te stellen.

Daarnaast heeft back button focus in sommige camera’s invloed op het wisselen tussen ‘Continuous AF’ en ‘Single AF’. Als je een zelf aangewezen knop op de achterzijde van de camera gebruikt om scherp te stellen, dan kun je die in sommige camera’s standaard instellen op ‘Continuous AF’ (bij Canon ‘AI Servo’, bij Nikon ‘AF-C’). Druk je die knop in, dan stelt hij continu scherp en volgt de camera een bewegend onderwerp. Druk je hem kort in, dan stelt hij eenmalig scherp terwijl je hem inhoudt (single AF). Op die manier kun je veel sneller wisselen tussen Continuous AF en Single AF – iets wat je anders apart moet instellen in het menu van de camera. Dit voordeel klinkt niet heel belangrijk, maar het kan net de tijd schelen die je nodig hebt om te blijven fotograferen; je hoeft niet een menu in te duiken om de AF-modus te veranderen als een onderwerp plotseling beweegt.

Onneke-pieters

Tot slot levert back button focus je iets meer accu op. Scherpstellen kost namelijk stroom, en als dit niet de hele tijd opnieuw moet tussen de foto’s door, bespaar je simpelweg een beetje accu. Zeker bij bijvoorbeeld de Sony A7 camera’s is dit een handige bijkomstigheid.

Het instellen van back button focus verschilt enorm per camera. In Canon camera’s vind je de optie vaak onder het Custom Functions menu (C.Fn). Daarin kun je kiezen voor de Shutter/AE lock button en vervolgens de optie AE lock/AF selecteren (hoe dit precies wordt aangegeven kan verschillen per camera). Op Nikon camera’s kun je dit instellen via het Custom Setting Menu (het pennetje). Je selecteert dan ‘controls’ en dan de ‘Assign AE/AF-L’-knop. Hier kies je bij Press voor AF-On. Ook hier kan het per Nikon camera verschillen.

Als je precies wilt weten hoe je back button focus bij jouw camera instelt, kun je het beste even Googelen. Typ je cameratype in met ‘back button focus’ erachter, de kans is dan groot dat je meteen op een website komt waar je de instructies kunt lezen.

Minimalb

Fasedetectie en contrastdetectie

Fasedetectie
In spiegelreflexcamera’s kom je de oudste scherpstelmethode tegen en dat is fasedetectie. Hier bepaalt een opklapbare spiegel of je beeld hebt in de zoeker of dat het licht naar de beeldsensor gaat om een foto te maken. Wat weinig mensen weten, is dat het midden van de spiegel een klein beetje licht doorlaat. Via een tweede kleinere spiegel wordt dit naar de onderkant van de camera gestuurd. Daar bevindt zich een speciale module met autofocussensoren. Die AF-sensoren hebben helemaal niets met de beeldsensor te maken, ze worden puur en alleen gebruikt om scherp te stellen. Het bijzondere van deze AF-sensoren is dat ze niet alleen weten of iets scherp of onscherp is. Bij onscherpte vertellen ze de camera ook hoeveel en in welke richting (dichterbij of verder weg) het objectief moet bewegen om het onderwerp wel scherp te krijgen. Dankzij die informatie kan de camera de lens in een keer naar het juiste punt sturen. Scherpstellen via fasedetectie werkt daarom ongelofelijk snel.

I-j-m

Contrastdetectie
In de live-view modus van je camera is een andere manier van scherpstellen nodig, de contrastdetectie. Om namelijk beeld op het scherm te krijgen, moet de beeldsensor actief zijn en daarvoor moet de spiegel zijn opgeklapt. Niet alleen de optische zoeker, maar ook de speciale AF-sensoren onder in het toestel raken hiermee buiten gebruik. Nu de beeldsensor toch aan is, wordt het digitale beeld geanalyseerd. Pixels worden door de camerasoftware met elkaar vergeleken om te zien of het onderwerp scherp is. Bij een hoog contrast is het beeld scherp, bij een laag contrast is het onderwerp onscherp(er). Hoe zit dit? Stel dat je een zwart punt op een wit vlak fotografeert. Alleen als er een abrupte overgang is (hoog contrast) van zwart naar wit, is het beeld scherp. Bij onscherpte verandert de zwarte punt namelijk in een vage grijze vlek en neemt het contrast af.

Je camera zoekt steeds naar de beste scherpte. Scherpstellen via contrastdetectie gaat daarom wat langzamer dan fasedetectie. Vooral in de begintijd van liveview was het ronduit traag. Bij fasedetectie is dat zoeken niet nodig. De lens wordt direct naar het juiste punt gestuurd en daarom werkt het sneller. Contrastdetectie blinkt daarentegen weer uit in nauwkeurigheid. Omdat pixels van het echte beeld worden vergeleken, kan de hoogste scherpte worden behaald. Bij fasedetectie staat de beeldsensor buitenspel. Er wordt een aparte AF-module gebruikt. Die is uiteraard nauwkeurig uitgelijnd, maar toch kan er een minieme afwijking zijn, zodat foto’s mogelijk een fractie minder scherp zijn.

Sake-van-Pelt

Focus peaking

De autofocus is in veel situaties een fantastisch hulpmiddel, maar niet altijd. Bijvoorbeeld wanneer er weinig of geen contrast is tussen het onderwerp en de achtergrond. Of wanneer je onderwerp zich achter een voorgrond bevindt (bijvoorbeeld een hert dat tussen het struikgewas loopt). In zulke gevallen kun je beter handmatig scherpstellen. Een van de nieuwste scherpsteltechnieken die helpen om sneller handmatig scherp te stellen is ‘Focus Peaking’. Dit wordt al veel gebruikt door videomakers om het scherpstelpunt soepel te verschuiven, maar baant nu zijn weg naar de fotografie en zit standaard in veel systeemcamera’s. Focus Peaking werkt door het detecteren van randen met het hoogste contrast in het beeld. De randen in het contrast krijgen een felle kleur naar keuze, om ze meteen te herkennen in de live-view modus. Dit lijkt veel op contrastdetectie en op een bepaalde manier is het dat ook. De camera gebruikt rood, blauw, groen, wit, geel of een andere kleur voor het herkennen wat er in focus is en wat niet. Dit valt op, omdat deze kleur contrasteert met de kleuren in het daadwerkelijke beeld.

Dit filmpje laat snel de basis van Focus Peaking zien.

Tip: Probeer uit welke methode jij het prettigste vindt werken. Oefen het scherpstellen goed, zodat je het helemaal onder de knie hebt als het moment zich voordoet waarop je die supermooie foto wilt maken.

Thuisopdracht 2: Het Perfecte Plaatje

Lightroom Workflows II – Zoom Academy Live | Schrijf je nu gratis in!