in

Klein maar fijn: de kleine scherptediepte onder controle bij macrofotografie

Een snelle sluitertijd is dus belangrijk voor een scherpe foto. Maar dat is een juist ingesteld diafragma ook. Met het diafragma bepalen we de scherptediepte in een foto. Bij een kleine scherptediepte is het onderwerp scherp en vervalt de achtergrond in de onscherpte. Een foto met een heel grote scherptediepte is van voren tot achteren scherp, dus zowel het onderwerp als de achtergrond. Een kleine scherptediepte bereiken we doorgaans door te werken met een open diafragma, dat zich kenmerkt door een klein F-getal. In principe geldt: hoe lager het F-getal, hoe zachter de achtergrond en dus hoe kleiner de scherptediepte.

Een eenvoudig spiekbriefje met betrekking tot scherptediepte en een gekozen diafragma.

Wie vanaf nu alleen nog vasthoudt aan het principe van ‘laag is vaag’, waarbij een laag F-getal een vage achtergrond veroorzaakt, komt helaas toch bedrogen uit. Scherptediepte wordt weliswaar door het F-getal beïnvloed, maar er zijn nog een tweetal factoren die een belangrijke bijdrage hebben in de uiteindelijke scherptediepte.

Hoe dichter je op het onderwerp staat, hoe groter het effect van scherptedieptewerking is. Hoe verder weg dus, hoe minder die invloed. Als je met een diafragma F 11 een bloem fotografeert op een meter afstand, dan zal de achtergrond scherper zijn dan dat je dezelfde bloem fotografeert met diezelfde F 11 op een halve meter afstand.

Met een laag F-getal en heel dicht op je onderwerp kruipen, ontstaat er minuscule scherptediepte.Albert Beukhof · Sony A99 II · ISO 400 · F 3,2 · 1/30 SEC · 100 MM

Een zelfde invloed als bij de afstand tot je onderwerp, wordt veroorzaakt door een langere brandpuntsafstand te kiezen (en dus je beeld in te zoomen). Door je beeld dichterbij te halen door te zoomen, creëer je een zachtere achtergrond. Een tele-objectief op 200 mm zal dus ook een zachtere achtergrond geven dan een groothoek-objectief van 18 mm (bij dezelfde instellingen).

Hoe dichter het onderwerp tegen zijn of haar achtergrond aan staat, hoe scherper die achtergrond wordt. Een grotere afstand tussen beide vervaagt juist die achtergrond. Dus ook al zijn twee opnames vrijwel identiek en wordt er gekozen voor twee keer exact hetzelfde F-getal, dan toch kan de scherptediepte er anders uitzien door de afstand die de achtergrond inneemt ten opzichte van het onderwerp.

De achtergrond oogt heel rustig, omdat deze zich op vele meters afstand van de vlinder bevindt.Stephan Jansson · Nikon D7100 · ISO 100 · F 11 · 1/250 SEC · 60 MM

5 fotolocaties op Terschelling – Zoom.nl

Landschappen fotograferen in Nederland: op pad in De Biesbosch