in

Lentefotografie: de paden op!

Hoe mooi winterse plaatjes ook kunnen zijn, zodra de lente aanbreekt, krijgt elke fotograaf de kriebels om eropuit te gaan en de ontluikende natuur in al zijn facetten vast te leggen. We geven je tips, zodat jij straks thuis komt met de mooiste lentebeelden.

Hoewel de lente meteorologisch gezien al in maart begint, breekt de echte lente voor ons gevoel pas aan in april. Ondanks dat het weer nog onstuimig kan zijn (april doet immers wat-ie wil), is er in de natuur dan duidelijk sprake van een ander seizoen.

Vogels

Veel vogels keren terug naar ons land uit warmere oorden. In de polders is het druk met grutto’s, tureluurs en kieviten die in grote aantallen baltsend door de lucht buitelen. De blauwborst is net terug en voor hij met zijn nog te verwerven partner in alle verborgenheid een nestje gaat bouwen, zingt hij boven in struiken en boompjes zijn prachtig gevarieerde lied. Op het water is het ook druk. Futen voeren hun kenmerkende liefdesdans uit, waarbij ze al watertrappelend elkaar het hof maken en soms synchroon over het water lijken te lopen. Minder romantisch is het bij de meerkoeten. Zij vechten om vrouwtjes en territorium. Ze zitten daarbij met regelmaat in elkaars vaarwater en niet zelden gaan de gelobde poten dan de lucht in om elkaar een beste trap te kunnen verkopen.

Omdat de vogels vooral aandacht voor elkaar hebben, maak je goede kans op mooie foto’s. Ga eens een paar uurtjes aan de waterkant zitten onder een camouflagenetje of achter een schermpje van riet (dat kun je halen bij een bouwmarkt). Beter nog, ga plat op de grond liggen op een yogamatje. Het lage standpunt dat je dan krijgt, maakt je foto’s ontzettend veel mooier. Met een kantelbaar schermpje of een hoekzoeker is een pijnlijke nek niet langer de straf van een mooie ochtend aan de waterkant. Vanwege het vaak wisselende weer is de kans op mist boven het water aanzienlijk en zeker als je recht tegenover de zonsopkomst plaatsneemt zul je thuiskomen met prachtig sfeervolle foto’s. Zelfs een gewone zwaan of gans is in zulke omstandigheden al genoeg. Hun kenmerkende vormen lenen zich goed voor een silhouet, bijvoorbeeld tegen de streep van de opkomende zon op het wateroppervlak. Vergeet niet te onderbelichten voor een echt zwart silhouet en volle kleuren eromheen.

Als je geluk hebt gaan vogels voor je neus baltsen of vechten en heb je spetterende actiefoto’s als bewijs. Als de achtergrond ver weg is kun je gerust je scherpstelpunt uitbreiden naar een heel gebied of zone. De camera zal scherpstellen op dat wat het dichtstbij is en in zo’n situatie is er niets om de autofocus in de war te sturen. Een voldoende snelle sluitertijd bevriest de actie en druppels, maar experimenteer vooral ook eens met een langere sluitertijd. De kans op succes is weliswaar kleiner, maar als het lukt, heb je meteen een unieke foto. Denk aan sporen van waterdruppels en zachte beweging in de vleugels, terwijl de kop van je onderwerp wel voldoende scherp blijft.

Foto: Gabrielle28

Zoogdieren

Bij de zoogdieren is het nu nog een rustige periode. Alleen de hazen zijn begonnen aan de rammeltijd en zitten elkaar tussen het boksen door achterna. De das en vos hebben weliswaar ondergronds jongen, maar die komen pas eind april, begin mei voor het eerst buiten kijken. Stilte voor de fotografische storm dus. Het vroege voorjaar is wel de goede tijd om alvast te gaan zoeken naar bewoonde burchten en holen. Het zou immers jammer zijn als je in de piekperiode nog veel tijd moet investeren in het vinden van je onderwerp! Vers uitgegraven zand is de beste aanwijzing voor de aanwezigheid van een van deze zoogdieren. Wil je een van beide soorten fotograferen, dan is het goed je te verdiepen in hun leefwijze en gedrag.

Een das ziet bijvoorbeeld heel erg slecht, maar hoort en ruikt als de beste. Je kunt dus gerust zonder camouflage in het bos in de buurt van een burcht gaan posten, als je maar uit de wind blijft. Als de jongen groot genoeg zijn, hoef je minder lang te wachten tot ze in de avond buiten komen. Volwassen dieren wachten vaak tot het donker, de jongen zijn speels en nieuwsgierig en hebben de drang naar buiten te gaan. Na een uitgebreide sessie van krabben, vlooien en spelen zullen de jongen weer naar binnen gaan en gaan pa en ma op jacht.

Bij de vos werkt het anders, deze heeft veel eerder in de gaten dat je er bent. Houd afstand, gebruik camouflage, en houd ook hier rekening met de wind. De welpen zijn meestal nog niet mensenschuw, dat leren ze pas later. Maar zodra de moedervos weet dat je er bent zal ze de welpen, zeker als deze nog klein zijn, verplaatsen naar een noodhol. En dat is vaak moeilijk tot niet te vinden. Zoek een vossenhol aan de zuidkant van een helling. Daar warmt het hol in de ochtend snel op en dat vinden de welpen fijn. Zijn de welpen al wat meer buiten, dan zijn drolletjes, prooiresten, platgetrapt gras, vliegen in de pijp (en geen spinnenwebben!) en soms een penetrante geur tekenen van hun aanwezigheid.

Foto: Heidelroosje

De haas is wat eenvoudiger voor de lens te krijgen. Z’n zintuigen zijn weliswaar goed ontwikkeld, maar in de gekte van de rammeltijd gaat alle aandacht naar rennen, boksen en paren. Neem rustig plaats aan de rand van een niet al te groot weiland waar meerdere hazen zitten. Een drooggevallen greppel is ideaal om je in te verstoppen en biedt bovendien een laag standpunt. Na verloop van tijd komen ze vanzelf een keer in het bereik van je camera gerend. Duurt het lang en is het licht al wat harder, belicht dan iets over om de harde schaduwen minder zwaar te maken. Het geeft je foto bovendien een frisse uitstraling. Het extra licht geeft je wel de kans elke beweging te bevriezen, dus als je kans ziet de boksende hazen in beeld te vangen, is de kans groot dat er ook rondvliegende aarde en gras te zien zijn.

Foto: Charlene van Koesveld

Flora

Niet alleen de dieren staan (soms letterlijk) te trappelen in de lente. Ook de bloemen, planten en bomen brengen hun sapstromen op gang en dat betekent dat de natuur letterlijk opengaat. Bij de bomen zijn het de wilgen en hazelaar die er vroeg bij zijn. Hun katjes zijn met een macrolens enorm fotogeniek. Stel scherp op een van de meeldraden en laat de rest van het katje in de onscherpte weglopen. Op de eerste nectar na een lange periode van ‘droogte’ komen ook legio insecten af, zoals bijen.

Langzaam maar zeker komt er ook frisgroen loof aan de bomen en struiken. Die echt lichtgroene lentekleur is er niet zo heel lang, dus wees er op tijd bij. Extra fris worden de foto’s als je het lentegroen fotografeert tegen een witte lucht, dus liefst op een bewolkte, niet-zonnige dag. Vergeet daarbij niet te overbelichten, je camera zal immers proberen al die lichte tinten als middengrijs weer te geven, met te donkere foto’s als gevolg. Wat fris is, moet immers fris blijven. Om de kleuren van het groen het best tot z’n recht te laten komen, kun je een polarisatiefilter gebruiken. Afhankelijk van de richting ten opzichte van de zon (al dan niet zichtbaar) varieert het effect, maar in bijna alle gevallen haalt het reflecties op de bladeren weg, waardoor kleuren veel voller en intenser worden.

Lager bij de grond trappen de echte voorjaarsbloeiers af. Het begint vaak in februari en maart al met sneeuwklokjes en krokussen, gevolgd door narcissen en tulpen. De uitgestrekte velden in de Noordoostpolder en bij Lisse zijn in april een lust voor het oog. Kijk eens of je het beeld kan vullen met tulpen, met ergens in beeld als opvallend ankerpunt in je compositie een typische bewoner van deze velden zoals de gele kwikstaart of een graspieper. 

Foto: Hettieheijnis

In parken, op landgoederen en in bossen is het de tijd van de tapijten. Eerst de fragiele en oh-zo mooie bosanemoon, dan de daslook en de boshyacint. Deze soorten volgen elkaar netjes op, dus mis je het ene tapijt, rol je bijna direct in het volgende. De hellingbossen in Zuid-Limburg zijn in deze tijd van het jaar op hun mooist. Niet alleen is de bosbodem bedekt met witte bloemetjes zo ver het oog reikt, eromheen is alles frisgroen en het landschap is ook nog eens golvend, wat de diepte in je compositie automatisch vergroot. Ga je op pad voor daslook, bedenk dan dat de knoflookgeur minder idyllisch is dan de aanblik van het geheel. Gelukkig kennen we nog niet zoiets als geurfotografie! Houd er bij het fotograferen van een bloemenzee rekening mee dat vanaf een afstandje het tapijt altijd dichter lijkt dan van dichtbij. Het effect van een lichte telelens is dat het landschap aaneengesloten in bloei lijkt te staan, terwijl je met een groothoeklens juist de open plekken dichtbij de lens gaat zien. Wil je toch met groothoek werken om meer diepte en dynamiek aan het beeld te geven, neem dan een wat lager standpunt in. Je kijkt dan tegen de bloemen en planten aan en ziet niet langer de onbegroeide plekken ertussenin.

Foto: CordeBruijn

Als je de bloemen individueel wilt fotograferen, ga dan plat op de grond liggen. Niet alleen heb je dan de beste blik op de bloemen, de achtergrond komt ook verder weg te liggen en wordt dus veel onscherper weergegeven. Daardoor leg je weer meer de nadruk op de bloem en bovendien wordt de foto er een stuk rustiger van. Dat past prima bij de zachte uitstraling van een bloem. Een bewolkte dag is ideaal om een zachte foto van tere bloemen te maken. Is het zonnig, dan kun je zo belichten dat de lichtste delen van de bloem nog net binnen het histogram vallen. Door het contrastrijke licht zullen de schaduwpartijen dan volledig zwart dichtlopen, wat bijzonder spannende en dramatische foto’s kan opleveren. Als alternatief kun je het zonlicht op de bloem dempen. Zet bijvoorbeeld je fototas tussen bloem en zon in om schaduw op je onderwerp te creëren. Of neem een witte (flits)paraplu mee die je naast de bloemen legt. Die filtert het licht en maakt het licht veel zachter, zonder veel licht weg te nemen. Doordat de achtergrond nog wel in de zon ligt, zal die contrastrijk en kleurrijk blijven wat een mooi verloop in je foto geeft. Soms vind je bloemen aan de waterkant, zoals direct naast een sloot of een eenvoudige plas regenwater. De reflectie van het zonlicht op het water geeft mooie lichtvlekken om je onderwerp. Ook hier kun je schaduw creëren om het licht op de tere bloem in elk geval zacht te houden. Of belicht flink onder voor een vlekkerig donkere achtergrond en flits de bloem zachtjes in. De mogelijkheden zijn eindeloos, dus experimenteer er op los. Je onderwerp gaat nergens heen. Ga trouwens niet al bij zonsopkomst op pad voor voorjaarsbloeiers. Het licht kan weliswaar 

Foto: Corvdwaal

Landschappen

Het weer kan in maart en april nog wisselvallig zijn. Dat kan positief uitpakken. Als een regenachtige dag wordt opgevolgd door een heldere dag, kan in de vroege ochtend nog mist ontstaan boven het land of het water. Nabij beekjes, vochtige weilanden en heidevelden is de kans het grootst. Bijna elk onderwerp is mooier in de mist en bovendien wordt het maken van een goede compositie een stuk eenvoudiger. De mist onttrekt veel elementen in de achtergrond aan het zicht, waardoor je foto een stuk rustiger zal ogen en alle aandacht naar het onderwerp uitgaat. Houd je belichtingsmeter in de gaten, want in mistige omstandigheden is alles helder van tint. Je camera zal de neiging hebben de foto te donker te maken, dus corrigeer deze gerust indien nodig. Een tot twee stops extra belichten is eerder regel dan uitzondering.

Houd je in bij de nabewerking en trek niet te hard aan de contrastschuifjes. In mistige omstandigheden is het contrast nu eenmaal laag en het licht zacht. Als je het contrast te veel verhoogt, verwijder je feitelijk de mist en daarmee alle sfeer weer uit je foto. Ook de kleuren zijn in de mist gedempt. Dus verhoog de verzadiging niet te veel, de kleuren matchen dan niet meer met de omstandigheden en dan oogt het al snel nep.

Foto: Dennisvdwater

Als het even kan, probeer dan tegen de opkomende zon in te fotograferen. De eerste zonnestralen branden door de mist, waardoor er prachtige gele, oranje en rode tinten in je foto komen. Let daarbij op dat rode tinten het eerste zullen uitbijten in je foto. Ook als je samengestelde (RBG) histogram er goed uit ziet, zal het zo zijn dat het histogram van het rode kanaal veel verder naar rechts ligt dan het groene en blauwe kanaal en wellicht er geen detail meer in de hoge lichten zit. Belicht dus liever iets aan de veilige kant en bedenk dat een donkerder foto er ook nog eens meer verzadigd uit ziet. Twee vliegen in een klap dus. Een valkuil is dat je zo onder de indruk van de omstandigheden bent, dat je minder kritisch op je compositie wordt omdat ‘alles’ mooi lijkt in het fraaie licht. Juist in mooie omstandigheden is een zorgvuldige compositie van belang, omdat je dan net een foto maakt die in alle opzichten niet meer beter kan!

Aan het begin van het voorjaar kun je nog eens verrast worden door late winterse omstandigheden. Probeer in zo’n geval de samensmelting of botsing van de twee seizoenen in beeld te brengen. Denk aan een narcis in de sneeuw, of een verdwaasd kijkende grutto op een berijpt paaltje. Dergelijke foto’s zijn vrij zeldzaam, dus grijp je kans als deze zich voordoet.

Foto: Chrizzx

Andere dieren

Ook voor de macrofotograaf breken er weer mooie tijden aan. De eerste vlinders zijn weer te zien. De aftrap wordt meestal gedaan door het oranjetipje. Die vind je heel toepasselijk voor het eerst rond koningsdag op of nabij diens waardplanten: de pinksterbloem en look-zonder-look. Weet je een mooi veldje pinksterbloemen, ga er dan tegen de avond heen. De oranjetipjes zoeken hun slaapplek in de luwte op. Je kunt ze dan met het laatste licht fotograferen. Of nog beter: markeer het punt en ga met het eerste licht terug. De vlinder zal er nog zitten en je kunt deze uitgebreid fotograferen. Als je geluk hebt, moet het oranjetipje nog opwarmen of zit deze onder de dauwdruppels. Het zorgt ervoor dat je onderwerp nog wel even zal blijven zitten en hij ziet er bovendien prachtig uit. Probeer eens de neiging te weerstaan enkel close-ups van de vlinder te maken en neem afstand. Door veel bloemen in beeld te brengen en een kleine, opvallende vlinder op de juiste plek, creëer je een veel spannender beeld. Ook kun je het licht van de opkomende zon door de bomen of struiken aan de horizon als achtergrond gebruiken. Het levert fraai gekleurde lichtcirkels op. Wil je geen uitgebeten achtergrond of te donkere vlinder, flits dan een beetje in.

Foto: Nicole1970

De paddentrek is waarschijnlijk al achter de rug, maar met wat geluk pik je de paartijd van de heikikkers nog wel mee. De mannetjes kleuren ergens in maart op slechts enkele dagen per jaar knalblauw en zingen in koor een boeiend zeemanslied. Je zult vaak naar een potentieel goede plek terug moeten gaan om op het juiste moment te kunnen fotograferen. Ben je te laat, niet getreurd. Omdat padden en heikikkers zich al hebben voortgeplant, zijn zowel deze dieren als hun dril aanwezig in het ondiepe water. Zoom eens in op de eitjes en de zich daarin ontwikkelende larfjes. Zeker met mooi licht kun je prachtig abstracte foto’s maken. De randjes lichten warm op terwijl de rest van het dril in de blauwe schaduw blijft. En fotografeer je een kikker of pad in het water, kijk of je een laag standpunt kunt innemen. Dat kan aan de oever zijn of met een waadpak aan op de knietjes of zelfs languit. Met de zon in de lens lichten alle reflecties als prachtige cirkels op en fotografeer je de kikkerprins in een heuse droomwereld. Ook hier is stil blijven zitten het devies. Na verloop van tijd zullen de dieren zich niets meer van je aanwezigheid aantrekken, maar probeer plotse bewegingen te voorkomen.

Foto: JannetteB

Cultuur

Iets minder natuurlijk, maar niet minder leuk, zijn de dieren die wij mensen houden. Niet alleen je hond die als een bezetene in de lentezon rent, maar wat te denken van koeien en schapen die eindelijk weer de wei in mogen na een lange winter in de stal. Niets menselijks is dieren vreemd, en dat is goed te zien aan het stuiterende enthousiasme als de hekken opengaan. Vaak zijn er beelden van in het journaal te zien. Wat let je om een veehouder in jouw omgeving te vragen wanneer de koeien weer naar buiten mogen en of je daarbij kunt zijn? Een typisch lentegevoel krijg je ook van lammetjes die van blijdschap recht omhoog springen, met vier gestrekte poten. Zo’n foto is wat lastiger te maken, omdat je nooit ziet aankomen welk lammetje wanneer gaat springen. Het beste kun je er eentje kiezen die actief lijkt en daar je aandacht en camera op blijven focussen. Laat je niet afleiden door soortgenoten die eromheen staan te springen, als je daarop reageert zal je een dag lang alleen maar te laat zijn met afdrukken. Als het even kan, kies een laag standpunt voor een intiemer beeld of kijk of je met zonsondergang de oranje lucht erachter kunt krijgen voor een silhouet. Het voordeel daarvan is dat de foto wat donkerder gehouden kan worden en je sluitertijd al gauw kort genoeg zal zijn.

Conclusie

De lente is voor de fotograaf een tijd van overvloed. In onderwerpen tenminste, waarschijnlijk heb je veel te weinig tijd om alles te fotograferen dat de moeite waard is. De kans op frustratie is dan altijd aanwezig. Probeer vooraf voor jezelf te bedenken hoe je de aankomende lente fotografisch wilt besteden. Welke onderwerpen wil je sowieso aanpakken en welke kunnen best een jaar zonder je? Als het even kan, houd wat lucht in je agenda voor als onderwerpen en kansen zich plots voordoen. Het belangrijkste: geniet met volle teugen!


Mis niks met de wekelijkse Zoom.nl nieuwsbrief!

E-mailadres

Composities voor natuurfotografie: een aantal praktijkvoorbeelden

Polaroid Go Black