in

Waarom je telefooncamera soms beter lijkt dan je kostbare échte fotocamera

27 februari 2021, 10:09

Misschien is het je weleens opgevallen dat als je met je telefoon fotografeert je eenvoudig lichte en heldere beelden maakt op plekken waar je met veel duurdere apparatuur moeite hebt om een goede foto te maken. Is een telefoon dan beter geschikt in die situaties? Of zit er iets anders achter? We leggen je uit hoe het komt.

Of dat je heel vaak tegelijkertijd met je telefoon én je professionele fotoapparatuur aan het werk bent betwijfelen we, maar als je dat zou doen ga je opmerken dat je telefoon op het eerste gezicht veel gemakkelijker goed belichte beelden maakt op plekken met uitdagende lichtomstandigheden dan je kostbare spiegelreflex of systeemcamera.

Telefoons zijn – zeker als je de fabrikanten zelf mag geloven – tegenwoordig uitgerust met professionele camera’s. Hoewel dat deels waar is, want veel innovaties en systemen die je nu in je kostbare spiegelreflex of systeemcamera vindt hebben hun oorsprong ooit gevonden in de telefooncamera, zit er natuurlijk nog steeds een gapend gat tussen de prestaties van je telefooncamera en die van je échte fotocamera.

Hoe komt het dan dat je telefoon op het eerste gezicht heel gemakkelijk fraai beeld maakt in bijvoorbeeld uitdagende omstandigheden als de schemering? Dat heeft vooral te maken met het feit dat je telefooncamera helemaal of bijna helemaal automatisch zijn werk doet. Als fotograaf heb je relatief weinig controle en als je de telefoon zijn gang laat gaan kiest deze natuurlijk de meest voor de hand liggende instellingen. In de schemering – met weinig licht – betekent dat een hoge iso-waarde en een groot diafragma zodat er zoveel mogelijk licht op de sensor kan vallen. Dat veroorzaakt een helder beeld dat er op het eerste gezicht heel aardig uitziet, maar op het tweede gezicht helaas toch nogal tegen zal vallen. Als je met je échte fotocamera aan de slag gaat, zul je in deze omstandigheden kiezen voor een lage iso-waarde en een kleiner diafragma voor een betere scherpte over heel het beeld. Daarnaast zul je misschien een statief inzetten, of gebruikmaken van de vaak uitstekende beeldstabilisatie in je camera. Op die manier kom je met een beeld thuis dat in het klein en in het groot overtuigt in scherpte, detail en beeldkwaliteit.

Het grote verschil tussen je telefoonbeeld en het beeld uit je spiegelreflex of systeemcamera ga je natuurlijk pas echt goed zien als je de beelden naast elkaar gaat bekijken op een groot scherm. De telefoonfoto valt dan al vrij snel door de mand. De (erg) kleine sensor met een heleboel megapixels staat garant voor veel ruis en doordat de telefoon al snel naar grote diafragma’s grijpt om genoeg licht binnen te krijgen is de scherpte van je beeld beperkt. Dat is niet altijd een probleem, maar als je een foto maakt van een landschap wil je niet dat enkel de boom in de voorgrond scherp is. De ruisonderdrukking zorgt er in veel gevallen ook nog eens voor dat details verdwijnen en de scherpte enkel van een afstandje in orde is. Kortom: op een klein scherm kan een telefoonfoto overtuigen, maar op een groter scherm en op detailniveau valt deze toch al snel door de mand. Hoe goed de telefooncamera ook is, een échte fotocamera wint het altijd. Dat doet natuurlijk niets af aan het feit dat het razend knap is dat telefoons tegenwoordig zo eenvoudig en met veel innovatie (o.a. via kunstmatige intelligentie) indrukwekkend beeld maken. Onthoud ook: de beste camera is de camera die je op dat moment bij je hebt. Als dat je telefoon is, dan ben je erg blij dat je daar anno 2021 vaak erg goed beeld mee kunt maken.

Spoedcursus: Full-body portret

De mooiste foto’s van februari 2021