in

Wat als er te veel zon is: instellingen en tips

Voor veel mensen klinkt het als iets dat niet mogelijk is, maar voor fotografen bestaat er wel degelijk iets als te veel zon. Wat doe je precies op zo’n heldere dag? We geven je tips.

Te veel zon kan je als fotograaf behoorlijk parten spelen. Hoewel genoeg licht altijd een vereiste is voor het maken van een goede foto is te veel licht juist hinderlijk en onhandig. 

Iso-waarde omlaag

Je camera zal dit automatisch doen als er veel licht aanwezig is, maar als je handmatig werkt kun je nog weleens vergeten dat je de iso-waarde ingesteld hebt op bijvoorbeeld 400 als je net binnen gefotografeerd hebt. Zorg bij veel licht altijd voor een zo laag mogelijke iso-waarde, dan kun je meer licht ‘hebben’ in je beeld. Een bijkomend voordeel is natuurlijk dat beelden met een lage iso-waarde mooi schoon zijn en geen (of weinig) ruis bevatten.

Sluitertijd omhoog

Hoe korter je sluitertijd, hoe minder licht er naar binnen kan vallen. Probeer dus een zo kort mogelijke sluitertijd te gebruiken, van bijvoorbeeld 1/2000 of nog korter. Bijkomend voordeel: er is bij dat soort sluitertijden geen plaats voor bewegingsonscherpte. Je beelden zijn – bij een juiste focus – mooi scherp en het onderwerp wordt ‘bevroren’.

Kies een klein diafragma

Hetzelfde als bij de sluitertijd geldt, geldt ook bij het diafragma dat je kiest. Je wilt zo min mogelijk zon binnen in de camera krijgen, dus kies je voor een zo klein mogelijk diafragma. Dat is een groot f-getal. Let wel op: meestal is het zo dat de beeldkwaliteit (miniem) achteruitgaat bij hele kleine diafragma’s van bijvoorbeeld f/22. Een middenmoter als f/8 of f/11 is dan beter en is al behoorlijk klein.

Spelen met scherpte in de zon

Als je juist wel een groot diafragma wilt gebruiken (een klein f-getal), dan is de aanwezigheid van veel licht een nog groter probleem. Toch kan het prachtig zijn om met de scherpte (en de onscherpte) te spelen in de volle zon. Al snel loop je natuurlijk tegen overbelichting aan, omdat bij bijvoorbeeld f/1.8 veel te veel licht op de sensor valt. Als je toch graag met mooie grote diafragma’s wil werken in de zon kun je de voorgaande tips gebruiken. Schroef dus de iso-waarde zover als mogelijk naar beneden en kies een zo kort mogelijke sluitertijd. Natuurlijk loop je op een gegeven moment tegen een grens aan waarbij je geen instellingen meer kunt verbeteren.

Andere opties

Wat je dan kunt doen is een filter gebruiken dat licht tegenhoudt. Een grijsfilter (ook wel ND-filter) is als een zonnebril voor je camera en komt natuurlijk goed van pas op heel zonnige dagen. Veel landschapsfotografen gebruiken een dergelijk filter om lange sluitertijden te kunnen gebruiken om zo wateroppervlakken te ‘bevriezen’ op klaarlichte dag. Natuurlijk kun je zo’n filter ook in andere situaties zonder wateroppervlakken toepassen. Je hebt verschillende versies in verschillende sterktes (hoe sterker, hoe donkerder) en ook bestaan er graduele ND-filters voor een optimaal resultaat per situatie.

Als echt niets meer helpt, dan kun je natuurlijk altijd nog kijken of dat er ergens in de omgeving wat schaduw aanwezig is. Een boom of een gebouw helpt enorm en als je een creatief standpunt opzoekt kun je misschien alsnog een leuk beeld maken op de locatie waar je eerst tegen problemen op bent gelopen. 

Superzoomers gezocht

Op foto-expeditie in eigen tuin: creatief met weinig middelen