in ,

Wild fotograferen in Nederland – dassen

In deze serie geven we je tips en tricks over het fotograferen van wild in Nederland. Van kleine insecten tot grote grazers. We vertellen je wat over de dieren en geven je tips over hoe je ze het beste op de foto zet. Dit keer vertellen we je alles over de das in Nederland.

We hebben inmiddels al een redelijk aantal wilde diersoorten behandeld. Eerder bespraken we ook al de wilde zwijnen en de hertachtigen die je in ons land kunt vinden. Omdat er maar één soort das door ons land loopt, bespreken we vandaag enkel deze soort.


Foto: ErwinS

De beste tijd om de das te spotten

De das is een vrij schuw dier, dat moeilijk te spotten is. Als je echter weet waar je moet kijken en waar je op moet letten is de das niet zo moeilijk te vinden. De das laat namelijk best wel wat sporen achter. De das laat graafsporen achter, als hij op zoek is gegaan naar eten. Deze zien er een beetje hetzelfde uit als de sporen van een wild zwijn, maar ze zijn veel kleiner.

De loopsporen van een das hebben de vorm van een halve maan, met vijf ovale afdrukken voor de tenen en diepe nagelafdrukken. De das maakt niet veel geluid, dus daar kun je hem vaak niet aan herkennen. Als de das geluid maakt, maakt hij in opwinding mekkerende, snuivende of brommende geluiden. Als hij zich bedreigd voelt stoot hij een laag gebrom uit. De jongen maken hoge, kirrende geluidjes.

De das is een nachtdier, wat dus betekend dat hij overdag in zijn burcht ligt te slapen. Tijdens de schemering wordt hij pas actief. Dan gaat hij op jacht eet hij vrijwel al het voedsel dat op zijn pad komt op. De schemering is dan ook dé tijd om op zoek te gaan naar de das als je hem op de foto wilt zetten. Dassen kun je voornamelijk vinden in beboste of stevig begroeide gebieden. De Veluwe is, net zoals bij veel ander wild in Nederland, een goede plek om het dier te spotten, maar zeker niet de enige.


Foto: Marta38

De das

De das is één van de grootste roofdieren in Nederland, maar een goed roofdier is het niet. De das besluipt geen prooien, hij gaat gewoon op pad en eet vrijwel alles wat hij tegenkomt. Alles wat dus een beetje alert is vlucht dan ook, zodra de das eraan komt. Daarom eet de das voornamelijk regenwormen, slakken, knaagdieren en insecten. Ook eet hij graag maïs, noten en paddenstoelen.

De das heeft een grijze, borstelige vacht met een grove, witte kop met twee brede, zwarte strepen over de ogen heen. De staart is wit en onder de staart zitten geurklieren, waarmee de das een muskusachtige geur uitscheidt.


Foto: dickvanduijn

Hoe zet je ze dan op de foto?

Omdat de das pas in de schemering naar buiten komt is het belangrijk dat je weet hoe je je camera moet instellen. Een das is een wild dier, dat waarschijnlijk niet al te lang stil blijft staan, dus je wilt je sluitertijd niet al te laag zetten. Heel hoog kan echter ook niet, want je wilt natuurlijk nog wel genoeg licht vangen. Zet daarom je ISO ook wat hoger en zet je diafragma zo ver mogelijk open.

Je kunt waarschijnlijk niet enorm dicht bij de das komen, waardoor je een lens met een wat groter bereik nodig hebt. Kies voor een zoomlens als je wilt kunnen wisselen van brandpuntsafstand. Kies voor een primelens voor een betere lichtkwaliteit. Zeker in de omstandigheden waarin je de das waarschijnlijk gaat fotograferen kan een prime lens erg fijn zijn. Je loopt dan echter wel het risico dat de das dan net te dichtbij is, en je niet de kans hebt om uit te zoomen. Voor zowel een prime lens als een zoomlens, kun je het beste voor een objectief kiezen met een bereik rond de 400 mm.

Als je met zo’n groot bereik werkt en je ook nog eens in een wat donkerdere omgeving werkt, is het handig om een statief of iets dergelijks mee te nemen. Op die manier heb je, ook bij een wat lagere sluitertijd, geen last van je eigen bewegingen. Daarbij is het bij 400 mm lastig om iets goed op de foto te zetten uit de losse hand, omdat je dan toch al snel redelijk wat beweging krijgt. Een statief, een rijstzak, of gewoon een stabiele boomstam of tak die je bij toeval tegenkomt kunnen dan handige hulpmiddelen zijn.

Als laatste is het belangrijk om in gedachte te houden dat je beter niet kunt flitsen. De das kan daar niet alleen van schrikken, maar het is ook een nachtdier en hij heeft dus heel lichtgevoelige ogen. De flits van je camera kan ervoor zorgen dat hij tijdelijk verblind raakt, wat niet heel prettig is voor het dier.


Foto: IRMOS

Meer lezen?

Hier kun je alle artikelen uit de serie vinden.

Mis niks met de wekelijkse Zoom.nl nieuwsbrief!

E-mailadres

8x gratis software voor fotobewerking

Photoshop: Lucht aanpassen