in ,

Zes kleine dieren die je niet mag missen in Zuid-Afrika

Erik Keulers

Zuid-Afrika, paradijs voor wildlife-fotografen met de big five: olifant, leeuw, luipaard, neushoorn en buffel. Maar voor de fotograaf die even iets verder kijkt is er veel meer te zien, al is het soms een stuk kleiner. In deze blog neemt Erik Keulers je mee op reis langs een zestal bijzondere kleine dieren en geeft hij tips hoe en waar je ze kunt vinden.

Wil je meer leren over fotografie en ook prachtige foto’s leren maken? Bekijk dan onze Basiscursus Fotografie

Oudtshoorn, Zuid-Afrika, februari 2015. Het is kwart voor vijf in de ochtend als onze iPhone ons aanspoort om op te staan en ons aan te kleden. Een half uur later moeten we met onze auto klaar staan op de kruising van de R62 en de R3, net ten westen van het stadje in de Klein-Karoo. Terwijl het nog donker is en de vrachtwagenchauffeurs nog in hun trucks liggen te slapen, verzamelen zich steeds meer auto’s, tot er uiteindelijk zo’n vijftien toeristen en twee gidsen aanwezig zijn. Dat is het moment om in een lange rij de duisternis in te rijden, op weg naar een bijzondere ontmoeting.

Big Five

Wie aan Zuid-Afrika denkt, denkt al snel aan safari en onwillekeurig daarmee aan de Big Five: olifant, leeuw, luipaard, neushoorn en buffel. En uiteraard kunnen ook zebra’s, wildebeesten en giraffen op aandacht rekenen. Maar voor wie goed zoekt zijn er nog veel meer bijzondere dieren te zien. Ze zijn vaak een stuk kleiner, of schuwer, of ze zijn niet in een typische safari-omgeving te vinden, maar ze zijn minstens zo bijzonder als de Big Five. Het kost alleen iets meer moeite, maar de beloning is er dan ook naar.

Nummer 1: Stokstaartje

Deze stokstaartjesfamilie voedt drie jongen op, alle volwassenen nemen gezamenlijk de zorg op zich.

De reden dat we in Oudtshoorn in alle vroeg op pad zijn, is een ontmoeting met een van de dieren uit de zogeheten Shy Five. Het is een benaming die de Zuid-Afrikanen geven aan een vijftal bijzondere dieren, die moeilijk te spotten zijn, vaak ook omdat ze met name ’s nachts leven. De vijf op een rijtje: het aardvarken (oftewel de miereneter), het stekelvarken, de aardwolf, de bat-eared fox en de meerkat (oftewel het stokstaartje). Die laatste is vandaag ons doel en hoewel velen van ons het diertje zullen kennen uit de dierentuin, waar ze zich onder een groeilamp staan op te warmen, zijn deze dieren in het wild bijzonder moeilijk van dichtbij te bewonderen. Een beweging op 200 meter afstand is voor een groep meerkatten al genoeg reden om te vluchten.

Het ochtendritueel van de stokstaartjes begint met de persoonlijke hygiëne

De mensen van Meerkat Adventures in Oudtshoorn hebben de nodige jaren uitgetrokken om stokstaartjes te laten wennen aan menselijke aanwezigheid en het feit dat fotograferende mensen geen gevaar vormen. Die jaren voorbereiding hebben er voor gezorgd dat wij nu, met dertien anderen, in staat zijn om de dieren te zien ontwaken in hun burcht. De gidsen hebben daarvoor de avond van te voren de slaapplek moeten bepalen van de groep die gevolgd wordt, want meerkatten zijn nomaden die niet vaak twee nachten in dezelfde burcht slapen. We parkeren de auto’s in een verlaten gebied, halen vouwstoeltjes uit een ton en gaan dan, na een kop thee op weg. Na ongeveer tien minuten lopen krijgen we een plek aangewezen en dan begint het wachten. Camera in gereedheid, ingespannen turen, niets zien….totdat rond 7 uur een eerste stokstaartje zijn hoofd laat zien, speurend of de kust veilig is. Langzaam maar zeker volgen er meer, totdat ook de jongen naar buiten komen. De dieren warmen op in de zon, de jongen spelen en ondertussen klikken rondom hen de camera’s. Lang genieten is er niet bij, want verbazend snel, binnen het half uur is het ochtendritueel ten einde en trekken de stokstaartjes de wijde wereld in. Dichter bij hun wereld laten ze ons als fototoerist niet komen.

Ten minste een volwassen dier zoekt het hoger op om zo te waken over de hele familie.

Waar: Oudtshoorn, Zuid-Afrika
Wie: Meerkat Adventures
Wanneer: in de vroege ochtend, exacte tijd hangt af van het seizoen, in de winter kan het lang duren voordat de stokstaartjes zich laten zien, zeker als de zon zich niet laat zien
Kosten: 550 Rand per persoon (ca. 40 euro p.p.)
Bijzonderheden: kinderen onder de 10 jaar niet toegestaan.

Nummer 2: Augrabies Hagedis

De felle kleuren van de mannetjes steken af tegen de rotsen rond de waterval.

Kleine hagedissen kom je overal in Zuid-Afrika tegen. Gekko’s zul je zelfs regelmatig tegen de muur of binnen in je vakantiehuisje tegenkomen. Maar er is een plek waar wel heel bijzondere, bonte exemplaren op je wachten. Wanneer je de zinderende hitte op de rotsblokken voor lief neemt is deze ontmoeting niet een zo heel lastig. Terwijl het vallende water van de watervallen het geluid bepaald, leiden verschillende trappen naar uitkijkplateaus om de Augrabies Falls te bekijken. Bij een van die plateaus is het veel interessanter om naar rotsblokken te kijken. Al gauw zal je oog vallen op bontgekleurde hagedissen van een centimeter of 10 lang. Het zijn de mannetjes van de Augrabies Hagedis. Felblauw en felrood strijden om de aandacht. De vrouwtjes vallen nauwelijks op, zij hebben de felle kleuren duidelijk niet. Een zoomlens is geen overbodige luxe, want de beestjes zijn nogal beweeglijk en duiken weg als je te dichtbij komt. Ze weten je al gauw een hele tijd te boeien, totdat de warmte je in zijn greep krijgt. Dan is het tijd om snel een foto van de watervallen te maken en daarna de schaduw op te zoeken.

Je vindt de augrabies hagedissen op de rotsen rond de watervallen, maar er is slechts een uitkijkpunt waar je ze echt zult zien.
De mannetjes-hagedissen kenmerken zich door een waar kleurenpallet.

Waar: Augrabies Falls National Park, in het noordwesten van Zuid-Afrika, in de buurt van Upington
Kosten: Naast de entreegelden voor het nationale park geen
Wanneer: De hagedissen laten zich de hele dag zien, hoeveel je er ziet is een kwestie van geluk;
Bijzonderheden:
• vraag bij het bezoekerscentrum na welke plateau je moet hebben, er zijn namelijk nogal wat uitzichtpunten en niet overal zitten deze kleurrijke hagedissen;
• ben je autoliefhebber? Dan kun je dubbel aan je trekken komen. Op de weg naar het park en in het park kun je gecamoufleerde nieuwe modellen tegen komen van de bekende merken.

Nummer 3: landschildpadden

De meeste landschildpadden die je zult tegenkomen zijn niet al te groot, maar je kunt ook dit soort exemplaren van meer dan een halve meter lang tegenkomen.

Wie aan Zuid-Afrika denkt verwacht niet direct schildpadden tegen te komen. Toch moet je niet verbaasd opkijken wanneer je in de woestijn een legerhelm langzaam de weg ziet kruisen. Om ze te zien zijn eigenlijk maar twee dingen belangrijk: langzaam rijden en je ogen goed de kost geven. Mijn ervaring is dat langzaam rijden misschien voelt als het missen van kansen om groot wild te zien, maar dat je er bijzonder veel ervaringen met kleinere dieren voor terug krijgt. Zie je een schildpad de weg kruisen? Rij er dan rustig naar toe, blijf met de auto uit zijn pad en wacht rustig tot hij de overkant heeft bereikt om hem in alle schoonheid te bewonderen. Let vooral ook op de prachtige patronen op het schild, die bij iedere schildpad anders zijn en niet gaan vervelen. De meeste schildpadden die je zult zien hebben schilden met een doorsnede tussen de 10 en 25 cm, dus dat verklaart waarom goed opletten gewenst is. Niet gezien? Probeer dan eens Addo National Park, daar zijn ook grote exemplaren te vinden, met schilden van 50 cm of meer in doorsnee.

Je zult de schildpadden vaak de weg zien oversteken, let op kleine bolletjes op de weg…
De schilden hebben prachtige kleuren en patronen, en geen schildpad is hetzelfde.

Waar: West Coast National Park, in de buurt van Kaapstad, Kgalagadi Transfrontierpark in de Kalahari Woestijn en Addo National Park zijn goede plekken om landschildpadden te zien;
Kosten: Naast de entreegelden voor de parken geen
Wanneer: de beste reistijd per park verschilt.

Nummer 4: Flightless Dung Beetle

Dit insect is eigenlijk de krachtpatser van Zuid-Afrika. Het diertje rolt een mestbal en probeert die daarna met zijn achterpoten tegen de bal te verplaatsen.

De naam van nummer 4 is een hele mond vol in het Engels, en een goede Nederlandse vertaling is niet echt te geven. Bijzonder is dat dit miniscule beestje van nog geen 5 centimeter een eigen verkeersbord heeft gekregen, en dat zorgt voor een bijzonder verkeersverbod. Wil je ze zien? Dan is er maar een optie in heel Zuid-Afrika: Addo National Park. Daar leven namelijk genoeg olifanten om dit beestje te voorzien van het geen waar hij dringend behoefte aan heeft: verse olifantenmest. Deze mestkever, die niet kan vliegen, zoekt deze verse mest op om er ballen ter grootte van een tennisbal van te rollen om ze vervolgens naar de plek te brengen waar hij ze wil hebben. Ze kunnen alleen uit de voeten met verse mest, en daarom mogen automobilisten in het park verse olifantenmest niet plat rijden. En gezien de omvang van de mesthopen kan dat nog best een uitdaging zijn. De mestkevers zul je zeker gaan zien, op het moment dat ze wat onhandig lopend de weg oversteken. Wil je een kever met mestbal zien, dan wordt de uitdaging een stuk groter. Ons lukte het uiteindelijk de laatste dag langs de kant van de weg. Voor die tijd hadden we herhaaldelijk halt gehouden naast mesthopen, speurend naar kevers. De vraag of de mest vers is, is overigens direct na het stoppen helder.

In eerste instantie zul je veel dung beetles doelloos de weg zien over waggelen, maar zoek door en je vindt kevers met een mestbal of druk met de vorming van de bal, midden in de olifantenmest.
Als de kever boven op de mestbal terecht komt is goed te zien hoe zwaar de klus is voor dit kleine diertje.

Waar: Addo National Park
Kosten: Naast de entreegelden voor het park geen
Wanneer: Het hele jaar door, de aantal die je ziet in de loop van de dag kunnen nogal wisselen, zo zie je er veel, zo zie je een tijd niets
Bijzonderheden: Hou er rekening mee dat er ook de nodige dode kevers op en langs de weg liggen, dat maakt het niet altijd makkelijk om dood en levend te onderscheiden tijdens je safari.

Nummer 5: Klipdassie

Klipdassies zijn iets kleiner dan hun neef, de olifant…

Wie dit dier voor de eerste keer ziet, kan zich niet voorstellen dat dit de naaste verwant is van een van de Big Five-dieren: de olifant. Want wat je ziet is eerder een groot uitgevallen marmot, die lang niet altijd bang is van mensen. Zeker op de Tafelberg zul je ze tegenkomen, waarschijnlijk al op het terras, restjes van het eten van toeristen verschalkend. Loop een stuk door en zie de dieren in hun natuurlijke habitat, dat is vele malen mooier. Kom aan het einde van de dag en de kans is groot dat de dieren etend in struiken zitten!

Als de dag op zijn eind loopt is het etenstijd voor de klipdassies, en vindt je ze in struiken…
….of op de grond knagend aan sappige kruiden.

Waar: De Tafelberg in Kaapstad zorgt voor gegarandeerde ontmoetingen. Langs de Meiringpoortpas tussen Oudtshoorn en George, bij de parkeerplaats bij de waterval is succes ook gegarandeerd. Kijk vooral ook op en tussen grotere rotsblokken en stenen.
Kosten: De kabelbaan naar de Tafelberg, tenzij je naar boven loopt; bij de Meiringpoortpas kost het niets.
Wanneer: Het hele jaar door
Bijzonderheden: Aan het einde van de dag slaan de klipdassies aan het fourageren.

Nummer 6: Grondeekhoorn

De grondeekhoorn in Kgalagadi steken prachtig af tegen de rode zandkleur.

Dit dier heeft de hele dag zijn eigen schaduw bij zich. En dat is nodig ook, want ze leven in de woestijngebieden van Zuid-Afrika. Wordt het te warm voor deze eekhoorn, dan vormt zijn pluimige staart een parasol boven zijn hoofd. Wie naar het uiterste noorden van Zuid-Afrika rijdt ziet de eekhoorn regelmatig langs de weg zitten of ziet een pluim de weg oversteken. Kom je een aantal dieren samen tegen, dan kun je verbazen over de interactie onderling. Ze kibbelen behoorlijk en denderen van holingang naar holingang. Ze zijn als prooidiertje wel oplettend en dus is het zaak niet te lang te wachten met fotograferen, of zo geduldig te zijn dat de eekhoorn went aan je aanwezigheid.

Met wat geduld laten meer eekhoorn zich zien, al blijven ze alert en schrikachtig.
Een staand eekhoornmannetje is een apart gezicht.

Waar: Kgalagadi Transfrontier Park, Mountain Zebra National Park
Kosten: Naast de kosten voor toegang tot het nationaal park geen
Wanneer: hele jaar
Bijzonderheden: Midden tussen de huisjes van Twee Rivieren Rest Camp in Kgalagadi ligt een grondeekhoornnest. Neem een stoel, blijf stil zitten en laat de dieren aan je wennen. Beweeg de camera zo min mogelijk en je kunt prachtige close-ups maken. Maar let op: bewegen betekent zeker 10 minuten wachten op een nieuwe kans.

Lees ook deze 5 Tips om dieren te fotograferen

Nog veel meer te ontdekken

De zes dieren in deze blog zijn uiteraard niet het enige klein wild dat de moeite van het ontdekken waard is. Wie zijn ogen de kost geeft ziet meer dan genoeg klein moois! Het verrijkt je reis, waar de big five niet mogen ontbreken, maar die ook niet het enige doel mogen zijn. Want in dat geval mis je heel veel bijzondere ontmoetingen die deze aarde zo bijzonder maken. Dus neem je tijd, reis op je gemak en laat een wereld voor je open gaan! Goede reis!


Erik Keulers

Mijn naam is Erik Keulers. Sinds 2005 ben ik mij meer en meer gaan verdiepen in de fotografie. In 2008 stond ik aan de basis van de oprichting van Fotogroep Gotcha. In de modelfotografie intrigeert me vooral de interactie en communicatie die nodig is om dé foto te maken. Naast modelfotografie hou ik me met portret-, reis-, wildlife-, natuur en straatfotografie. Het vastleggen van pure beelden spreekt mij steeds meer aan. Daarom zie ik mijn interesse steeds meer verschuiven naar portretfotografie en documentaire fotografie. Ik vind het leuk onbekende gebieden van de fotografie te ontdekken en te experimenteren. Ik werk met de A7-series van Sony. Op ErikKeulersPhotography en Facebook ben ik actief als @ErikKeulersPhotography.


Mis niks met de wekelijkse Zoom.nl nieuwsbrief!

E-mailadres

Alle soorten objectieven + afkortingen op objectieven op een rij

Zelf het weer voorspellen voor je fotografie