in

Zo maak je van je tuin een paradijs voor macrofotografie

Balkon, stadstuin, natuurtuin of eigen natuurgebied, het maakt eigenlijk niet zoveel uit: als je de juiste voorwaarden schept kunnen allerlei dieren er zich vestigen. Vogels, vlinders, bijen en bloemen, je kunt ze in je eigen tuin van dichtbij bekijken én fotograferen.

Op z’n beloop?

Als je denkt dat je met een natuurtuin de boel gewoon op z’n beloop kunt laten, heb je het mis. Dat levert weliswaar een spontane wildernis op, maar de soortenrijkdom zal niet zo hoog zijn en je eindigt in Nederland vanzelf met veel gras en schaduw van ruigte en struiken. Net als in elke tuin vraagt een soortenrijke natuurtuin om inrichting en onderhoud. De aanpak is wel anders: minder ingrijpen en meer met rust laten horen daarbij. De schoffel kan bij natuurlijk tuinieren wegblijven. Een handschepje of mesje werkt beter.

Mogelijkheden

Om te beginnen: probeer aan te sluiten bij de mogelijkheden die je tuin zelf heeft. Dat vormt altijd de basis van natuurlijk tuinieren. Ligging, grondsoort, vochtgehalte en grootte van je tuin bepalen de mogelijkheden. De termen zon, halfschaduw of schaduw zijn gangbaar om de juiste plaats voor een plant aan te geven.

Bloeiende planten, die veel insecten trekken, hebben een warme zonnige plek in je tuin nodig. Over het algemeen geldt: een zonnige tuin, bij voorkeur op het zuiden, is een goede uitgangspositie voor een rijke natuurtuin met veel soorten. Een tuin met veel schaduw is minder gunstig.

Deze Kleine Vuurvlinder liet zich bij Hans in de tuin zien. Hier is bij het fotograferen goed op de achtergrond gelet.

Hans Bargerbos, hansbargerbos.zoom.nl
Canon 7D · ISO 160 · F 6,3 · 1/125 SEC · 150 MM

Kies je volgende stap in fotografie! Haal nu je ticket voor Zoom Academy Next en volg meer dan 32 workshops en lezingen en stel direct al je vragen aan de vakfotografen.

Werkwijze en uitrusting

Om dieren in je tuin te fotograferen, heb je geen bijzondere uitrusting nodig. Voor macro- en close-up-fotografie is een macrolens en/of tussenringen handig. Kies voor betrekkelijk korte sluitertijden (minstens 1/250), omdat jij zelf en de dieren veel bewegen. Voor vogels heb je veelal een bereik van minstens 400 mm nodig en je fotografeert vanaf statief (sluitertijd minimaal 1/300).

Een hoekzoeker kan handig zijn als het je niet lukt om liggend vanaf de grond te fotograferen. Ook een rijstzak (als alternatief voor een laag statief) kan een nuttig hulpmiddel zijn.

Hoe dichterbij je kunt komen (zoals hier met een 600mm-objectief), hoe meer impact de foto’s hebben

Sigrid Westerbaan, swee.zoom.nl
Nikon D700 · ISO 400 · F 6,3 · 1/160 SEC · 600 MM

Ten slotte: belangrijk is dat je je (loslopende) huisdieren binnenhoudt. Honden en katten zijn echte dierenverjagers. In je tuin kun je gemakkelijker je spullen achterlaten, omdat de kans op diefstal klein is. Dat biedt (nieuwe) mogelijkheden voor natuurfotografie. Denk aan afstandsbediening – te bedienen vanuit je woonkamer – of high-speed-infraroodtechnologie, waarbij dieren zichzelf fotograferen vanuit een vaste opstelling.

Het voordeel van vogels in je eigen tuin is dat je heel lang kunt oefenen met verschillende composities.

Henriëtte van Golde, jonggolde.zoom.nl
Canon 7D II · ISO 400 · F 5,6 · 1/250 SEC · 400 MM

Zeven tips voor een echte natuurtuin

Tip 1: Zo min mogelijk gazon, paden en terrassen

Hoe minder grasveld en verharding, des te meer dieren je aantrekt. Dieren hebben voedsel, dekking en beschutting nodig. Dat vinden ze niet in tuinen die grotendeels zijn verhard of voorzien van een kortgeschoren grasveldje.

Tip 2: Plant begroeiing die dieren aantrekt

Kies de juiste nectar- en waardplanten voor insecten en vlinders. Een vlinderstruik is prachtig, maar in een vochtig hoekje zijn ook brandnetels nodig als voedsel voor de rupsen. Plant inheemse struiken die bloeien (meidoorn, sleedoorn) en bessen (lijsterbes, Gelderse roos, hondsroos) of noten (hazelaar) dragen: dat is voedsel voor insecten en vogels.

Snoei struiken regelmatig, daarmee stimuleer je de bloei en zorg je voor een ondoordringbare struik waar vogels graag in broeden. Plant struiken op plekken waar ze de wind breken en voor beschutting zorgen.

Plant klimop tegen de muur van je huis, tegen een schutting of een boom. Klimop is erg in trek bij vogels en andere dieren.


De prachtige bloesem van de meidoorn trekt ook allerlei insecten aan.

Felicia Waterman, fjanina.zoom.nl
Panasonic GX7 · ISO 200 · F 3,2 · 1/1250 SEC · 45 mm

Wil jij meer leren over Macrofotografie van niemand minder dan Daan de Vos? Volg dan zijn workshop over Macrofotografie tijdens Zoom Academy Next!

Tip 3: Niet te netjes

Liever een (wilde) haag dan een geschoren heg. Liever een ruige bloemenweide dan een kort gazon (dat ook veel onderhoud vergt!). Maak in de schaduw van bomen of struiken een composthoop van dood tuinmateriaal, gemaaid gras en keukenafval. Laat de composthoop zoveel mogelijk ongemoeid. Breng snoeiafval en takken niet weg, maar laat het achter op hopen of richels: het is een belangrijke schuilplaats voor egels, kikkers en kleine zoogdieren.

Tip 4: Bied dekking- en schuilgelegenheid

Zet stapels dakpannen neer en graaf die gedeeltelijk in; dit zijn goede rust- en schuilplaatsen voor op de grond levende dieren. Leg stapels dikke stronken of stammen dood hout neer in je tuin, in de schaduw én in de zon. Erin en ertussen leven veel kleine dieren.

Maak ook steen of puinstapels op plekken waar dat kan (bijvoorbeeld van oude metselstenen). Het beste graaf je eerst een kuil, zodat dieren tussen de stenen in de bodem kunnen overwinteren.

Wil je egels in je tuin, laat snoeiafval en takken liggen in je tuin. Het wordt een schuilplaats voor egels.

Robbert de Smet, robbertdesmet.zoom.nl
Canon 40D · ISO 400 · F 4 · 1/500 SEC · 300 MM

Tip 5: Zorg voor water in je tuin

Water trekt veel dieren aan! Kikkers zitten op de oever in de zon, vogels komen drinken en badderen en libellen scheren boven het water. Leg een natuurlijke vijver in je tuin aan. Bloeiende waterplanten als gele lis, waterlelie en kattenstaart maken een vijver in je tuin extra aantrekkelijk. Bestaande en nieuwe vijvers kun je gemakkelijk natuurvriendelijk maken, als je mijn tips opvolgt (zie kader ‘Een natuurlijke vijver’).

Libelle kun je lokken door stokjes uit te steken bij je vijver.

Maaike Ilmer, maaike-ilmer.zoom.nl
Canon 60D · ISO 100 · F 13 · 1/180 SEC · 300 MM

Tip 6: Schep een warm microklimaat

Zorg voor enkele warme, kale plekjes in je tuin (open zand, stenen of stammen in de zon). Insecten warmen hier graag op en graafbijen maken er nestjes. Bouw een stapel- of keermuur op een warme plek in je tuin. Plant struiken om de heersende zuidwestenwind tegen te houden.

Veel insecten komen graag op warme plekjes in de tuin af. Deze Vuurkever is vanaf de knietjes in eigen tuin gefotografeerd!

Marianne Jonkman
Canon 40D · ISO 640 · F 5 · 1/320 SEC · 100 MM

Tip 7: Gebruik nooit bestrijdingsmiddelen, slakkenkorrels of mest

Dit spreekt natuurlijk voor zich. Als je een natuurlijke tuin wilt met zo veel mogelijk dieren, dan laat je dit soort middelen dan achterwege.

Een natuurlijke vijver maak je zo:

  • Ligging: zoveel mogelijk in de zon, niet in de buurt van bomen (afgevallen bladeren bemesten het water te veel).
  • Zorg voor een geleidelijke oever, waarbij het water langzaam (via moerasplanten) overgaat in land.
  • Hoe groter hoe beter, dan bereik je eerder een evenwicht met helder water.
  • Maak de vijver niet te diep, 60 cm is meer dan voldoende.
  • Geen pomp, fontein of waterval. Dat is erg onnatuurlijk en slecht voor je vijver.
  • Zet geen vissen uit in je vijver, ze eten bijna alle kikkervisjes, salamander- en libellenlarven op.
  • Haal inheemse waterplanten gewoon zelf uit een gezonde, schone sloot. Waterplanten van een tuincentrum zijn in kassen gekweekt, veel te duur en gaan vaak meteen dood in je vijver. Vaak zijn het ook exotische soorten, die je niet in je vijver wilt hebben.
  • Ondergedoken waterplanten (waterpest, hoornblad, fonteinkruid, vederkruid) maken je vijver helder. Haal ze met een hark uit een schone sloot bij jou in de buurt, controleer goed of er geen visseneitjes aan vastzitten.
  • Elk jaar een beetje vijverkalk (Maerl) toevoegen, volgens de aanwijzingen op de verpakking.
  • Nooit bemesten of chemische middeltjes aan het water toevoegen.

Verbeter je wildlife-fotografie: twee tips

Sony FE 50mm FE 40mm en FE24mm – Driemaal net niet hetzelfde