in

Zonsondergang: zo fotografeer je het natuurlijke kleurenspektakel

Na mensen en dieren is de zonsondergang waarschijnlijk het meest gefotografeerde onderwerp. Het bekende plaatje is strand, zee en ondergaande zon. Niks mis mee. Maar je kunt als fotograaf zoveel meer. In dit artikel leggen we je alles uit over instellingen, de beste locaties en welke spullen je kunt gebruiken. Kortom: hoe je een adembenemende zonsondergangfoto maakt.

Om maar meteen met de deur in huis te vallen: waarom fotograferen we eigenlijk zo graag zonsondergangen aan het strand? Uiteindelijk gaat de zon elke avond onder, waar je ook bent. Waarschijnlijk heeft het te maken met het totaalplaatje. De ondergaande zon dompelt het hele landschap in een mooi rood, oranje of paars licht en dat zijn warme kleuren die we associëren met warmte, passie en spanning. De zee fungeert bovendien als een spiegel en verdubbelt letterlijk dit visuele feest van neonkleuren. Het strand en de zee zijn overzichtelijke, weidse omgevingen zonder al teveel storende elementen, waardoor je een rustige compositie krijgt. En ‘less is more’! Een zonsondergang is feitelijk een lichtarme situatie (de schemering) met één enorm felle lichtbron (de zon). Hierdoor worden de kleuren nog meer verzadigd, overstraalt de zon letterlijk alles en veranderen de overige objecten in je compositie in donkere silhouetten. Het toonbeeld van strakke eenvoud en dat vinden we bijna allemaal mooi. Veel mensen fotograferen zonsondergangen tijdens hun vakantie. Ze hebben dan immers alle tijd, zijn veel buiten op een mooie locatie en willen hun gelukzalige vakantiegevoel vastleggen voor het thuisfront. Tenslotte staan zon, zee en strand voor romantiek en de drang naar avontuur. Kortom: de zonsondergang is een geheid fotosucces.

Foto: EllenD

Waar moet je zijn?

Zo simpel als ergens klaarstaan en op het goede moment op het knopje drukken, is het niet. Een onderscheidende zonsondergangsfoto vereist dat je goed nadenkt over locatie, belichting en compositie. Plaats de horizon bijvoorbeeld niet precies in het midden. Verdeel je foto in drie vlakken en plaats de horizon op een derde of twee derde van het beeld. Bedenk dat een wolkeloze lucht vaak saai en vlak oogt tijdens de zonsondergang. Kies in dat geval dus voor een compositie met veel voorgrond en een derde lucht. Een spannende neonlucht met schapenwolken geef je juist weer méér ruimte in je compositie. Plaats je de zon in je foto? Experimenteer dan ook eens met de regel van derden. Verdeel je zoeker in negen gelijke vlekken en plaats de zon op één van de snijpunten van die vlakken. Je zult zien dat dit betere resultaten oplevert dan een zon die pal in het midden staat.

De setting voor goede foto’s ontstaat zelden toevallig. Bedenk dus vooraf al waar je wilt gaan fotograferen en analyseer die locatie goed. Bepaal waar de zon onder zal gaan (gebruik een zonnestand-app – zie kader) en visualiseer hoe de locatie eruit zal zien tijdens de zonsondergang. Kies vervolgens enkele standpunten waar je wilt fotograferen. Zorg daarbij dat je iets herkenbaars op de voorgrond kunt plaatsen, zoals een pier, vissersboten, een windmolen, een kronkelende weg, een omgewaaide boom, een groep watervogels, een rij duinen of een bergketen. Deze elementen geven je foto diepte, maken de compositie interessanter en brengen je scène tot leven.

Een locatie met vrij zicht op de horizon, veel interessante details, een waterpartij en duidelijk herkenbare objecten die je als silhouet kunt fotograferen werken het best. Denk aan molens, een weiland met koeien of schapen of een vuurtoren. Ook je standpunt kan een wereld van verschil maken. Ga eens iets hoger staan op een duinenrij, in de bergen of in een penthouse van een appartement of gebruik een drone. Ga door je knieën, ga op je buik liggen of klim juist in een boom voor een andere kijk op je omgeving. Zelfs een stap voor- of achteruit of opzij kan al een enorm verschil maken. Kies bovendien een rustige plek, want een zonsondergang met een dampende file, wandelende mensen, spelende honden of een ijscokar wil niemand aan de muur. 

Foto: phaaksma

Zoals we al meldden, kan een waterpartij je compositie enorm verbeteren en versterken. Water weerspiegelt de gekleurde wolken en hemel en geeft een extra dimensie aan je zonsondergangsfoto. Daarvoor hoef je uiteraard niet naar zee te gaan. Een meer, rivier, slootje of waterval kan hetzelfde effect hebben als je je standpunt goed kiest. Maar zelfs een waterpartij is geen absolute noodzaak. Zelfs een sneeuwlandschap, een gevulde regenton, glimmende treinrails, een grote glazen knikker of een asfaltweg met tegenlicht kunnen de neonkleuren reflecteren en een prachtige foto opleveren. Geef je creativiteit dus ruim baan en zoek naar afwijkende locaties, foto-ideeën en composities. 

Hoe pak je het aan?

Of je nu de zonsopkomst of de zonsondergang wilt vastleggen: zorg dat je op tijd aanwezig bent. Afhankelijk van het jaargetijde en je locatie duren de zonsopkomst en –ondergang soms verbazend kort en tijdens die korte periode van fraai licht wil je natuurlijk niet staan te klooien met je apparatuur of op het moment suprême hijgend komen aanrennen. Zorg dat je drie kwartier van tevoren aanwezig bent. Dan kun je in alle rust testfoto’s maken, je camera instellen en controleren of je wel echt op de perfecte plek staat. Live view kan je goede diensten bewijzen. Het schermpje geeft vaak een goede indruk van je compositie, geeft je belangrijke informatie over sluitertijd, diafragma en belichting én vaak kun je een raster weergeven waarmee je de regel van derden perfect kunt visualiseren. 

Stralende zon

Een diafragma van F 11 of hoger bij direct tegenlicht zorgt voor een ‘sunburst’: een spectaculaire stervormige zon in je foto’s! Een hoger F-getal betekent dat het diafragma van je objectief (het gaatje waardoor het licht op je beeldsensor valt) erg klein wordt. Voor een goede belichting verlengt de camera de sluitertijd en dat resulteert er in dat de zon als een lichtgevende ster op de foto verschijnt. Gebruik het effect sporadisch, want anders gaan je foto’s er gekunsteld uitzien. Gebruik ook een statief bij dergelijke diafragmawaarden, want anders eindig je met alleen maar bewogen foto’s. Lukt het niet meteen? Wacht dan even tot de zon iets lager staat.

Foto: Martijnvandernat

Het uur na zonsopkomst en voor zonsondergang baadt de omgeving vaak in een mooi gouden licht: het zogenaamde gouden uur. De zon staat laag aan de hemel en schijnt het licht in een kleine hoek op het aardoppervlak. Hierdoor wordt het licht verspreid en ontstaat er een zachte warme verlichting met lange schaduwen en weinig contrast. Fotografen zijn gek op dit gouden licht, omdat het een gouden gloed geeft aan het landschap en objecten. Het verdoezelt oneffenheden en tempert andere kleuren. Het geeft dus een bijna monochroom, schilderachtig beeld. Het gouden licht kan patronen en structuren versterken en heft de dieptewerking een beetje op. Het is geschikt voor allerlei vormen van fotografie. Van landschappen tot portretten, stadsgezichten, dieren en stillevens. Je kunt zelfs binnenshuis mooie foto’s maken met dit licht in de buurt van een groot raam.

Er wordt wel eens gezegd dat steden met smog of stoffige omgevingen zoals woestijnen de mooiste zonsondergangen hebben. Dat klopt! De omstandigheden in de lucht (stof, smog of waterdamp) spelen een grote rol bij de intensiteit van een zonsondergang. Wolken weerkaatsen het licht van de ondergaande zon. Stof en smog filteren en temperen het felle zonlicht. Dat zorgt voor diepe, intense kleuren en een extra spectaculaire lucht. Naast het strand zijn steden, woestijnen en industriegebieden dus prima plekken voor zonsondergangen. Je hebt vaak een goed zicht op de horizon, kunt allerlei zaken op de voorgrond plaatsen en hebt een grote kans op knalkleuren door stof en smog. 

Foto: Roelie Steinmann

In de winter blijft de zon in een relatief kleine hoek boven de horizon staan en duren zonsopkomst- en ondergang langer dan in de zomer. In de zomer beschrijft de zon een veel hogere baan en duurt de periode van ‘mooi licht’ tijdens opkomst en ondergang soms maar enkele minuten. Zorg in dat geval dus dat je klaar staat! Kijk tijdens het fotograferen niet teveel op het lcd-scherm van je camera. Elke minuut verandert het licht enorm en je wilt natuurlijk niet het mooiste licht missen. Anderhalf of twee uur kijken naar het effect van zonlicht op een locatie leert je in sneltreinvaart hoe licht werkt en wat het kan doen voor je foto’s. Het is nog leuk om te doen ook. Een aanrader voor elke beginnende fotograaf.

Een foto maken van zonsondergang betekent niet dat de zon er ook zelf op moet komen. Kijk tijdens het fotograferen af en toe ook eens over je schouder. Kijk naar wat de zon doet met de omgeving, speur naar mooi oplichtende objecten of gedeelten van het landschap. De zon kan bijvoorbeeld een brug prachtig in een oranje goed hullen of een berg fraai laten afsteken tegen een rode lucht. Fotografeer details in de omgeving met mooie licht om grafische, minimalistische, kleurige en abstracte beelden te maken. Gebruik dit flatteuze licht ook eens om portretfoto’s te maken van je fotomaatje, je hond of jezelf! Analyseer ook wat er met de intensiteit van kleuren en textuur gebeurt als je schuin of haaks op de zonnestand fotografeert. Of draai de lichtsituatie eens om en gebruik juist de schaduwen tijdens het gouden uur. Doordat de schaduwen langer en zachter zijn dan overdag, kun je ze betrekken in je compositie voor een mooi abstract, mysterieus en driedimensionaal effect. Let er wel goed op dat je eigen lange schaduw niet in beeld is.

Instellingen

Heb je de juiste locatie gevonden? Zet dan je camera op het statief en stel alle instellingen goed in. Selecteer diafragmavoorkeuze en kies een diafragma van F 8, F 11 of F 16, kies een lage iso-waarde van 100 of 200 en compenseer de belichting met -1 of -2 stops als je testfoto’s te licht worden. Belicht nooit op de zon zelf, omdat de rest van je foto dan veel te donker wordt. Belicht liever op een zone die tussen de zon en de voorgrond in ligt, dat geeft een beter resultaat. Je kunt al je objectieven gebruiken. Maar ze hebben wel ieder hun eigen sterke en zwakke punten. Een zoomobjectief met een brandpuntafstand van 70-200 mm is goed voor details, een grote zon, silhouetten en een samengepakt perspectief. Wanneer je juist zoveel mogelijk van het landschap in beeld wilt vangen, monteer je een groothoekobjectief. Experimenteer naar hartenlust! Een tip: de automatische witbalans maakt je zonsondergangen meestal te flets. Kies de witbalansstand met het wolkje of het beschaduwde huisje voor een warmere kleurtemperatuur en dus sprekender foto’s.

Gebruik een statief

Voor alle vormen van landschapsfotografie, dus ook voor zonsondergangen, geldt dat je resultaten enorm verbeteren wanneer je een statief gebruikt. Een statief zorgt ervoor dat je camera volledig stil is tijdens het fotograferen en je in verminderde lichtomstandigheden (zoals een zonsondergang) toch scherpe, onbewogen foto’s kunt maken met een langere sluitertijd. Het statief haalt bovendien de ‘haast’ en impulsiviteit uit je werkwijze. Het dwingt je om beter na te denken over hoe en wat je wilt fotograferen. Schakel wel de beeldstabilisatie van de objectief of camera uit. Sommige systemen raken namelijk in de war als de camera helemaal stil staat.

Foto: Dreetje

De zonsondergang zelf is meestal niet het hoogtepunt van de lichtshow. Ga dus zeker niet meteen weg nadat de zon is onder gegaan. In de 15 tot 30 minuten na zonsondergang zie je de meest intense en mooiste kleuren. Pas daarna wordt het echt donker. Leg dit spektakel vast met een langere sluitertijd en let daarbij vooral op de wolken. Want als de zon is ondergegaan zullen de wolken het licht van de zon nog een tijd weerkaatsen. In combinatie met de eerste sterren in de donkere lucht hoger boven de horizon is dit een adembenemend schouwspel.

Meestal is de lucht tijdens een zonsondergang veel lichter dan de voorgrond. En dat kan problemen geven voor een goede belichting. Je kent het wel: óf de lucht wordt te licht óf de voorgrond te donker. Handmatig de lucht iets donkerder maken of de voorgrond iets lichter helpt helaas niet in alle gevallen: de sensor van je camera kan zo’n enorm verschil in lichtsterkte simpelweg niet aan. Je kunt twee dingen doen. Diverse correct belichte foto’s van de voorgrond en de lucht maken en deze later op de computer samenvoegen tot één goed belichte totaalfoto. Óf filters gebruiken die de helderheid van de lucht terugdringen. De eenvoudigste (en minst technische) manier om dit te doen is met een grijsverloopfilter. Deze is donkerder aan de bovenkant waardoor het contrastverschil tussen lucht en voorgrond vermindert. Er zijn filters te koop met verschillende intensiteiten. Uiteraard kun je het grote contrast tussen lucht en voorgrond ook creatief inzetten. Door voorwerpen met tegenlicht te fotograferen, veranderen ze in silhouetten en dat kan een prachtig effect hebben. 

Foto: erictkindt

Opkomst en ondergang

Zonsopkomst en zonsondergang lijken erg veel op elkaar. Toch zijn er belangrijke verschillen!

  • Bij zonsopgang is het ochtendlicht vaak ‘schoon, helder en fris’. Bij zonsondergang zit er meer stof en smog in de avondlucht en oogt deze wat troebeler.
  • De meeste mensen houden er niet van om vroeg op te staan. Bij zonsopkomsten heb je dus minder last van wandelaars, sporters en zonaanbidders.
  • Het licht tijdens de zonsopgang is koeler omdat er meer blauwtinten in zitten. Bij zonsondergang is het licht juist geliger en roder.
  • Bij zonsopgang zie je vaker fotogenieke lage mist en nevel.

Weet wat het weer doet

We vertelden je al dat zonsondergangen het mooist worden als er schapenwolken in de lucht zijn. Maar hoe weet je vooraf wanneer dit gebeurt? Je kunt natuurlijk een weer-app, een weersite of het weerbericht raadplegen. Maar al deze informatie geeft je nog altijd niet de garantie dat het weer ook daadwerkelijk goed of slecht zal uitpakken. Een dosis praktijkervaring en een goed onderbuikgevoel brengen je vaak ook een heel eind. Uit het feit dat de luchtvochtigheid hoog is of dat er buien worden voorspeld, kun je opmaken dat er mist zal ontstaan of dat er stormwolken aankomen. Kijk een half uurtje voordat je op pad gaat naar de wolken en besluit pas dan of je wel of niet gaat. Hoge, onregelmatige wolken met veel ruimte ertussen zijn ideaal omdat de zon op elke afzonderlijke wolk schijnt. Ook regen- en stormachtige dagen zijn goed nieuws. Vaak trekken de regenwolken vlak voor de zonsondergang op en ontstaan er woeste rode luchten. Een dik, aaneengesloten wolkendek levert vaak minder goede resultaten op. Maar of je nu die ene gedroomde superlucht aantreft op je locatie of een tegenvallende druilavond beleeft: je leert altijd iets. Je bent lekker buiten geweest, hebt weer nieuwe kennis opgedaan en hebt hopelijk iets interessants gefotografeerd. Dus: trek er op uit, maak fouten, experimenteer en geniet! Veel succes en post je resultaten in de Zoom.nl-community!


Mis niks met de wekelijkse Zoom.nl nieuwsbrief!

E-mailadres

Straatfotografie in het donker: spelen met licht en beweging

Beweging fotograferen: sporters in de winter